fb
Damespraatjes Damespraatjes

Rolinda: “Bijna elke middag verwarmt ze vis in de magnetron”

Bijna elke middag verwarmt ze vis in de magnetron

Rolinda werkt als zzp’er en is al een paar jaar aangesloten bij een co-working kantoor in haar woonplaats. Daar huurt ze een vaste werkplek tussen andere zelfstandigen en kleine bedrijven. Dat bevalt haar uitstekend. “Ik heb ook een prima thuiskantoor, maar ik merkte dat ik het niet prettig vond om elke dag alleen thuis te zitten. Zeker als je alleenstaand bent en geen kinderen hebt, kunnen de dagen soms best stil zijn.”

Voelt als collega’s

Het kantoor is voor Rolinda veel meer geworden dan alleen een plek om te werken. “Je drinkt samen koffie, maakt een praatje bij de lunch en helpt elkaar als iemand ergens tegenaan loopt. Natuurlijk zijn het officieel geen collega’s, maar zo voelt het wel. Als ik ziek ben, krijg ik appjes met de vraag hoe het gaat. En als ik een lastige klant heb, zijn er altijd mensen die willen meedenken.”

Oppervlakkiger

Volgens Rolinda is juist die sociale kant de reden dat ze iedere dag met plezier naar kantoor gaat. “Het voelt een beetje als een gemeenschap. Iedereen werkt voor zichzelf, maar je staat er toch niet helemaal alleen voor.” Zoals overal zijn er natuurlijk mensen met wie ze beter overweg kan dan met anderen. “Met sommige mensen klik je direct. Dan drink je samen koffie, ga je soms lunchen of maak je na werktijd nog een praatje. Met anderen blijft het wat oppervlakkiger. Dat is ook prima.”

Pescotariër

Een van de mensen met wie Rolinda minder een klik heeft, is Karin. “Ik kan niet eens precies uitleggen waarom. Soms voel je gewoon weinig aansluiting bij iemand. We verschillen behoorlijk van elkaar qua karakter en interesses. We zijn altijd beleefd tegen elkaar, maar daar blijft het ook wel bij.” Toch is het niet eens Karins persoonlijkheid waar Rolinda zich tegenwoordig het meest aan ergert. Het is haar lunch. “Karin is pescotariër en neemt bijna altijd restjes van de avond ervoor mee naar kantoor. Op zich helemaal prima natuurlijk. Ik heb absoluut geen mening over wat iemand eet.”

Vismarkt

Het probleem ontstaat volgens Rolinda rond lunchtijd. “Bijna elke middag loopt Karin naar de gezamenlijke keuken om haar eten op te warmen in de magnetron. En heel vaak zit daar vis, garnalen, mosselen of andere zeevruchten in.” Volgens Rolinda verandert de sfeer op kantoor dan direct. “Binnen een paar minuten hangt die geur overal. Niet alleen in de keuken, maar ook in de gangen en de werkruimtes. Soms lijkt het alsof het hele kantoor naar een vismarkt ruikt.”

In kantoor is dat anderd

Ze benadrukt dat ze vis op zichzelf helemaal niet vies vindt. “Sterker nog, ik houd juist van vis. Als ik op een zonnig terras zit met een lekker stukje zalm of een bord garnalen, geniet ik daar enorm van. Maar dat is een heel andere situatie dan wanneer vis in een afgesloten kantooromgeving wordt opgewarmd.”  Vooral de geur vindt ze lastig. “Het blijft vaak uren hangen. Zelfs als de ramen openstaan, ruik je het nog. En omdat je aan het werk bent, kun je er ook niet echt aan ontsnappen.”

Gevoelig onderwerp

Rolinda merkt dat ze niet de enige is die er last van heeft. “Ik hoor wel vaker opmerkingen van anderen. Dan zegt iemand bijvoorbeeld dat het weer naar vis ruikt of dat ze blij zijn als de geur straks verdwenen is. Maar niemand zegt er iets rechtstreeks van tegen Karin.” Dat begrijpt Rolinda ergens ook wel. “Het blijft een gevoelig onderwerp. Karin doet op zich niets verkeerd. Ze warmt gewoon haar lunch op.”

Niet zo sympathiek

Toch begint haar irritatie steeds groter te worden. “Misschien speelt ook mee dat ik haar niet zo sympathiek vind. Dat klinkt niet aardig, maar het maakt het wel moeilijker om begrip op te brengen. Als het iemand was met wie ik goed bevriend was, zou ik er misschien makkelijker doorheen kijken.”

Wil niet die persoon zijn

Nu merkt ze dat ze zich soms al ergert voordat Karin überhaupt richting de keuken loopt. “Dat is natuurlijk niet ideaal. Ik wil helemaal niet zo’n persoon zijn die zich druk maakt om het eten van een ander.” Toch begrijpt ze niet goed waarom Karin zelf niet inziet dat het storend kan zijn. “Volgens mij weet bijna iedereen dat vis opwarmen in een gedeelde kantoorruimte niet heel populair is. Het is een beetje zo’n ongeschreven regel. Je kunt het doen, maar veel mensen zullen het niet waarderen.”

Moet ik het accepteren?

Aan de andere kant twijfelt Rolinda ook aan zichzelf. “Misschien ben ik wel te gevoelig. Misschien hoort dit gewoon bij het delen van een werkplek met veel verschillende mensen. Iedereen heeft andere gewoontes, andere voorkeuren en andere eetgewoontes.” Dat maakt het lastig om te bepalen wat redelijk is. “Mag je verwachten dat iemand rekening houdt met zulke sterke geuren? Of moet je accepteren dat je in een gedeelde ruimte nu eenmaal niet alles kunt controleren?”

Niks verkeerd

Tot nu toe heeft niemand het onderwerp officieel aangekaart. “Er is geen huisregel over eten. Er staat nergens dat je geen vis mag opwarmen. Dus formeel doet Karin niets verkeerd.” Toch merkt Rolinda dat de frustratie zich langzaam opstapelt. “Vooral omdat het bijna dagelijks gebeurt. Als het eens per maand was, zou ik er waarschijnlijk niet eens over nadenken. Maar als je meerdere keren per week tegen dezelfde geur aanloopt, ga je het steeds meer opmerken.”

Afbeelding: Unsplash+

Volg jij ons al?

Facebook Instagram Threads Twitter Pinterest TikTok Newsletter

2 reacties

Willemijn -

Het is wel de week van de stinkbekken, zeg. Iemand die niet doucht na een uur fietsen en zichzelf fris vindt ruiken, nu iemand die elke dag vis opwarmt en de lucht daarvan niet ruikt (waarschijnlijk gewenning). Allebei komt het op hetzelfde neer: spreek de mensen aan! Ze kunnen toch geen gedachten lezen? Dan is het maar een lullig gesprek, als je maar tot een oplossing/compromis komt!

Joris -

Tja, als er geen regels zijn, krijg je dit. Ongeschreven regels over lunch zijn niet bij iedereen bekend. Kaart het aan bij de uitbater, misschien wil die regels opstellen?

Reageer ook