fb
Damespraatjes Damespraatjes

Ellen: “Ik maak mij bezorgd over mijn man, maar kan het niet met hem bespreken”

Wordt hij misschien dement?

Ellen is al heel wat jaren gelukkig met Wim, maar maakt zich de laatste tijd zorgen over hem. Hij is 64, werkt nog steeds hard en was altijd scherp en zorgvuldig. “Wim was degene die overal lijstjes van maakte,” vertelt Ellen. “Verjaardagen, afspraken, zelfs wanneer de dakgoot schoongemaakt moest worden.” Juist daarom valt het haar nu zo op dat er dingen veranderen. “Het zijn kleine dingen,” zegt ze. “Maar het worden er steeds meer.”

Dingen vergeten die hij vroeger nooit vergat

Wim lijkt de laatste maanden vaker dingen te vergeten. Een afspraak bij de tandarts. Een boodschap die hij zelf had voorgesteld om te halen. Een telefoontje dat hij zou plegen. “Als ik hem eraan herinner, kijkt hij me soms aan alsof ik het verzin,” vertelt Ellen. “Dan zegt hij dat hij dat nooit heeft afgesproken.” Dat maakt haar onzeker. “Dan ga ik bijna aan mezelf twijfelen. Heb ik het verkeerd onthouden? Maar nee, ik weet het zeker.” Wat haar vooral raakt, is zijn reactie. “Hij wordt geïrriteerd. Alsof ik hem aanval, terwijl ik hem alleen help herinneren.”

Kritiek op zijn werk

Wim werkt nog steeds fulltime. Hij is altijd trots geweest op zijn werk. “Zijn werk was zijn identiteit,” zegt Ellen. “Hij kon er zo enthousiast over vertellen. Maar sinds kort krijgt hij kritiek. Wat voor kritiek precies, weet Ellen niet exact, hij vertelt wel wat. “Hij zegt dat collega’s vinden dat hij minder scherp is. Dat hij dingen over het hoofd ziet.” Ze merkt dat het hem raakt. “Maar in plaats van erover te praten, klapt hij dicht.” Waar hij vroeger open was over zijn werkdag, blijft het nu vaak bij een kort antwoord. Volgens Wim valt het allemaal wel mee, maar Ellen voelt dat het hem bezighoudt.

Geen feestjes meer

Wat Ellen ook opvalt, is dat Wim sociale gelegenheden vermijdt. “We waren altijd best sociaal,” zegt ze. “Verjaardagen, etentjes, hij ging graag mee.” Nu zegt hij vaker af. Volgens hem is hij moe of heeft hij geen zin. Ook wil hij niet meer dat Ellen bij hem op het werk langskomt, iets wat ze eerder af en toe deed. “Dat vind ik vreemd,” zegt Ellen. “Ik kwam soms gewoon even koffie drinken. Nu zegt hij dat het niet uitkomt.” Ze weet niet wat ze ervan moet denken. “Is hij zich aan het schamen? Of wil hij iets voor mij verborgen houden?”

Slordiger en kribbiger

Naast het vergeten en het terugtrekken, merkt Ellen dat Wim veranderd is in zijn gedrag. “Hij was altijd netjes. Zijn papieren lagen geordend, zijn kleding verzorgd.” Nu laat hij dingen slingeren. Maakt fouten in simpele klusjes. “Het is alsof de scherpte eraf is.” En hij is sneller boos. “Kleine dingen kunnen hem ineens enorm irriteren.” Volgens Wim overdrijft ze en is er niets aan de hand. Maar Ellen voelt dat er meer speelt. “Dit is niet de man die ik ken.”

Praten lukt niet

Ellen heeft voorzichtig geprobeerd het onderwerp aan te snijden. “Ik zei: ik merk dat je de laatste tijd wat vergeet. Gaat het wel goed met je?” Volgens Wim hoeft ze zich nergens zorgen over te maken. Hij wuift het weg en vindt dat zij zich druk maakt om niets. “Hij draait het om,” zegt Ellen. “Dan zegt hij dat ik alles te zwaar maak en dat ik dingen vergeet.” Dat maakt het gesprek bijna onmogelijk. “Ik wil hem niet aanvallen. Ik wil hem helpen.”

De kinderen erbuiten houden

Ellen heeft volwassen kinderen, maar durft het niet goed met hen te bespreken. “Het voelt ontrouw,” zegt ze. “Alsof ik achter zijn rug om praat.” Ze wil Wim beschermen. “Ik wil niet dat ze anders naar hun vader gaan kijken.” Tegelijkertijd voelt ze zich alleen. “Ik draag dit in mijn eentje.”

Alleen bij mijn beste vriendin

Met haar beste vriendin heeft ze het wel besproken. “Ik moest het kwijt,” zegt Ellen. “Ik werd er zelf zo onrustig van.” Volgens haar vriendin moet ze het gesprek aangaan, hoe moeilijk ook. Er zou begeleiding mogelijk kunnen zijn of een bezoek aan de huisarts om te onderzoeken wat er aan de hand is. “Ze zei dat ik het niet moet laten sudderen,” vertelt Ellen. “Dat ik hem moet dwingen om ernaar te kijken.” Maar dat vindt Ellen moeilijk. “Ik wil geen strijd. Ik wil hem niet het gevoel geven dat hij tekortschiet.”

Onzeker over de toekomst

Ellen staat van nature positief in het leven. “Ik ben niet iemand die snel doemscenario’s bedenkt.” Toch merkt ze dat deze situatie haar uit evenwicht brengt. “Ik vraag me af: wat als dit erger wordt? Wordt hij misschien dement?” Ze denkt aan hun toekomst samen. Aan hun plannen om meer te reizen als Wim stopt met werken. “Wat als dat straks niet meer kan?” Die gedachte maakt haar verdrietig. “Ik wil niet vooruitlopen op iets wat misschien helemaal niet zo is.”

Twijfel en liefde

Wat het extra ingewikkeld maakt, is dat ze nog steeds van hem houdt zoals altijd. “Hij is mijn maatje,” zegt ze zacht. “We hebben samen zoveel meegemaakt.” Ze wil hem niet bekritiseren. Ze wil hem niet klein maken. “Maar ik wil ook niet doen alsof ik niets zie.” Ze twijfelt aan zichzelf. “Ben ik te gevoelig? Of zie ik echt iets wat aandacht nodig heeft?”

Het gesprek dat moet komen

Ellen weet diep van binnen dat er een gesprek moet komen. “Ik kan dit niet blijven negeren.” Ze hoopt dat ze het op een manier kan brengen die niet voelt als een aanval. “Misschien moet ik het meer over mijn gevoel hebben. Dat ik me zorgen maak omdat ik van hem houd.” Ze wil niet dat hij zich schaamt. “Als er iets aan de hand is, dan is dat geen falen. Dan is dat iets wat je samen draagt.”

Dilemma

Ellen zit met een dilemma. “Moet ik blijven aandringen, ook al wil hij niet luisteren? Of moet ik het loslaten en hopen dat het vanzelf duidelijk wordt?” Ze voelt zich verscheurd tussen loyaliteit en verantwoordelijkheid. “Ik wil een goede vrouw zijn. Maar ik wil ook niet mijn kop in het zand steken. Ik hou van hem,” zegt Ellen. “Juist daarom maak ik mij zo bezorgd.”

Wat zouden jullie doen? Zouden jullie het gesprek afdwingen? Of wachten tot hij er zelf over begint? Laat het ons weten bij de comments onder dit artikel. Zouden we heel fijn vinden :-).

Foto door www.kaboompics.com via Pexels

 

Volg jij ons al?

Facebook Instagram Threads Twitter Pinterest TikTok Newsletter

3 reacties

Joris -

“Wordt hij misschien dement?”. Ja. Misschien wel, ja.

Sanderien van Mul -

Ik zou het heel fijn vinden dat als ik de moeite neem om een comment te typen, dat deze comment ook gewoon op de site verschijnt 🙂

Sanderien van Mul -

Je bespreekt het niet met je kinderen, die het volste recht hebben om te weten hoe het met hun vader gaat (ze krijgen het onherroepelijk zelf een keer door) maar wel met je vriendin? En natuurlijk ontkent je man alles en zit hij jou lekker te gaslighten. Het is een verdedigingsmechanisme; hij zal heus wel weten dat het niet helemaal jofel gaat (waarom anders zegt hij dat je niet meer op zijn werk mag langskomen), maar het is altijd nog makkelijker om de schuld op iets of iemand anders te schuiven dan zelf onder ogen te zien dat er misschien iets ‘mis’ is. Het is heel erg moeilijk om toe te geven, laat staan te accepteren, dat lichaam en geest niet meer optimaal werken en een bezoek aan de huisarts kan een angstig vermoeden bevestigen. Geen makkelijke situatie. Je kunt zoveel gesprekken afdwingen zoals je wilt, je krijgt je man niet naar een huisarts zolang hij zelf in de ontkenning schiet en/of de noodzaak ervan niet inziet. Het lijkt me stug dat hij er zelf over begint want volgens hem is niets aan de hand. Dan zou ik zeggen: laat het dan maar erop aankomen. Hem niet achteraan lopen, hem niet constant herinneren. Het is een beetje bot, maar laat hem de consequenties ervaren van wat hij vergeet. Misschien dat het dan tot hem doordringt. Ik wens je veel sterkte.

Reageer ook