Willemijn: “Mijn vriendinnen vinden het vreselijk dat ik kleding voor mijn zoon bij de Kringloopwinkel koop”

Van veel vrouwen puilen de kledingkasten uit. Stapels broeken, rokken en shirtjes om over de talloze schoenen nog maar te zwijgen. Bij Willemijn (48) was dat tot voor twee jaar terug niet anders. Haar inloopkast begon steeds meer op een kledingzaak te lijken. “Mijn kast was bomvol en omdat ik aan keuzestress lijd, koos ik altijd weer hetzelfde om aan te trekken.” De eyeopener kwam toen Willemijn twee peperdure blouses zag hangen, met de prijskaartjes er nog aan. “Ik was er klaar mee en besloot het roer om te gooien. Voortaan alleen nog maar tweedehands kleren, ook voor mijn kind.”

Voor het geld hoeft Willemijn het niet te laten. “Mijn man brengt elke maand een topsalaris binnen en ik heb een eigen creditcard waar ik zo vaak mee kan wapperen als ik maar wil. Voor een C&A’tje trok ik mijn neus op, ik kocht alleen maar kleding in exclusieve boetieks.” Voor haar zoontje Pepijn was dat niet anders. Het risico dat hij in het zelfde H&M-shirt zou lopen als de rest van zijn klas, wilde Willemijn niet lopen. “Al die kinderen lopen in die goedkope rommel uit die ketens, ik vond dat mijn zoon zich moest kunnen onderscheiden met zijn kleding.” Dus ging hij naar school in roze Ralph Lauren-polootjes en spijkerbroeken van Vingino.

Rommelmarkt kleding

Tegenwoordig loopt Pepijn in kleding die Willemijn koopt in tweedehands winkels. “Het is een sport geworden om er leuke shirts en broeken voor een prikkie uit te halen. De eerste keer dat ik een kringloopwinkel inliep, voelde ik me zo niet op mijn gemak, ik had het idee dat iedereen me aanstaarde.” Toen Pepijn voor het eerst in een trui liep dat van een ander kind was geweest, schaamde hij zich en vroeg huilend waarom hij een oude trui aan moest. “Ik vond het vreselijk dat hij zo reageerde, zo verwend, maar begreep het wel. Hij was gewend aan peperdure kleding. Ik heb hem uitgelegd dat ik niet meer wilde dat hij in kleding liep dat was gemaakt door kinderhandjes. Want niet alleen de kleding in de grote ketens verkopen dat, ook de grote merken kiezen niet zelden voor de goedkoopste oplossing. Maar ook dat het zo niet duurzaam is en slecht voor het milieu. Pepijn is er nu oke mee.”

Woeste moeder

Die hobbel overwon Willemijn. Maar er liggen genoeg drempels waarover ze nauwelijks komt. Zoals haar moeder. “Een keer in de week past mijn moeder op Pepijn en toen hij na school bij haar was, vertelde hij trots over zijn shirt en broek. Gelukkig liet mijn moeder haar afschuw niet merken, maar ze belde ogenblikkelijk mij.” Voorzichtig informeerde ze naar haar dochters financiële toestand. Dat het geen probleem was om maandelijks geld over te maken zodat Willemijn fatsoenlijke kleding voor haar kind kon kopen. Met stomheid geslagen is haar moeder als Willemijn vertelt dat het niets met geld heeft te maken, maar met een way of life. “Ze trok me nog net niet door de telefoon maar dreigde dat ze met Pepijn kleding ging kopen. Dat ze het niet accepteerde dat haar kleinzoon in vodden rondliep. Ik heb het uit haar hoofd kunnen praten en gezegd dat ze het niet kan maken naar Pepijn toe, omdat hij apetrots is op het feit dat hij door het dragen van tweedehands kleding goed bezig is.”

Schamende vriendinnen

Uiterst ongelukkig wordt ze van haar omgeving die ongevraagd een mening heeft over haar keuze. Een aantal vriendinnen roddelt met elkaar over Willemijn en willen niet echt meer met haar op pad. Ze schamen zich voor haar, al zeggen ze dat niet recht in haar gezicht. De afkeurende blikken van haar familie ziet ze wel, maar probeert ze te negeren. Soms begint ze er zelf over, legt uit waarom ze geen nieuwe kleding meer wil kopen voor haar en Pepijn, maar wordt dan niet-begrijpend aangekeken. “Dat ik het voor mezelf koop moet ik zelf weten, zo oordeelt men, maar dat ik mijn kind met die rare denkbeelden opzadelen vinden ze te ver gaan. En dat maakt me dan toch weer aan het twijfelen. Zadel ik Pepijn op met een trauma? Moet ik weer gewoon nieuwe, dure kleding kopen? Ik weet het niet. Ik vind dat ik een steentje bijdraag aan een betere wereld. Maar vooralsnog voel ik mij een roepende in de woestijn.”

Wat vind jij van het initiatief van Willemijn? Zou jij het kunnen? Maar ook: zou het je lukken een maand geen nieuwe kleding te kopen? Hoe belangrijk is het voor jou? We zijn daarnaar benieuwd, praat met ons mee in de comments onder dit bericht.

 

 


Reageer ook