Sylvia voelt zich overal een buitenbeentje: “Ik voel me nooit ergens thuis”

Onbewust vergelijken we onszelf continu met anderen. Je zou het figuur van de buurvrouw, willen hebben, het onbezorgde karakter van je beste vriendin of het sportieve karakter van je zus. Je denkt het, even, en dan is de gedachte eraan weer weg. Sommigen hebben dat niet en voelen zich overal een buitenbeentje. Sylvia is zo iemand. “Ik word er zo onzeker van.”

Sylvia is een prachtige vrouw om te zien. Ze heeft lang krullend haar, een mooi figuur en een open gezicht. Toch schuilt er achter dat uiterlijk veel onzekerheid en angst. “Eigenlijk voel ik me nooit ergens thuis. De enige plek waar ik mezelf kan zijn en het prettig vind is bij mijn man. Hij kent me zoals ik werkelijk ben, de ware Syl. Mijn beste vriendin Anne kent me ook goed, maar weet niet alles. Van kinds af aan heb ik me altijd anders gevoeld en altijd het idee gehad er niet bij te horen.”

Drempels over
Vijftien jaar geleden stapte ze in het huwelijksbootje en daarvan heeft ze nog steeds geen spijt. Nog elke dag is ze verliefd op Mart. Op de karaktereigenschappen die hij heeft, is ze gevallen. Onbewust heeft ze gezocht naar een man die het tegenovergestelde is en doet. “Mart is een mooie, knappe man die graag naar feestjes gaat, naar voetbalwedstrijden, concerten en barbecues bij ons thuis geeft. Toen we net verkering hadden moest ik steeds weer drempels over. Ik voelde me bekeken door zijn vriendenkring en dacht almaar dat ze me raar vonden.”

Leeggezogen
Contact met andere mensen waarmee ze niets heeft, of die ze niet kent, zuigt haar leeg. Voor small talk is Sylvia niet in de wieg gelegd. “Ik ben jaloers op mensen die dat wel kunnen, praten over het weer ofzo. Ik vind dat zo nutteloos en word er zenuwachtig van. Bovendien drink ik geen alcohol en dat vinden veel mensen vreemd. ‘Doe niet zo ongezellig mens, neem een wijntje’ zei de buurvrouw laatst tijdens een buurtfeest. Ik kan dan wel door de grond zakken van ellende en wil zo snel mogelijk naar huis. Lekker alleen op de bank, luisteren naar mooie muziek. Met een kopje thee.”

Kluizenaar
Ondanks haar weerstand zit Sylvia niet altijd thuis. “Mijn man sleept me echt overal mee naar toe. Ook als ik tegenstribbel of zeg dat ik hoofdpijn heb. ‘Trek iets mooi aan, we gaan dansen’ zegt hij dan altijd. En dat doe ik dan. Omdat ik weet dat ik hem kan vertrouwen en dat hij me niet laat vallen. Niet dat hij de hele tijd bij me staat, maar hij houdt me wel in de gaten en als hij ziet dat het me echt teveel wordt, dan gaan we naar huis. Ik ben echt heel blij met hem.” Als Mart niet door zou zetten, zou Sylvia nergens komen, denkt ze. “De kans dat ik dan echt als een kluizenaar ga leven, ligt op de loer. Het is al erg genoeg om een buitenbeentje te zijn.”

Intuïtief dansen
Maar hoe weet ze dat anderen haar zo zien? “Als mensen naar bijvoorbeeld mijn hobby’s vragen en ik vertel ze dat ik het heerlijk vind om kaarten te maken van gevouwen theezakjes, dan zie ik ze kijken. Ik doe dat al jaren en verkoop de kaarten. De opbrengst schenk ik aan het goede doel. Maar ik word ook blij van intuïtief dansen. Als ik dat vertel weet bijna niemand wat dat is en er zijn maar weinig mensen die daarop enthousiast reageren. Vaak zeg ik dus maar zo weinig mogelijk. Ik vind het allemaal heel ongemakkelijk.


Reageer ook