Nora: ‘Ik had nooit gedacht dat ik depressief zou worden’

“Ik had nooit gedacht dat het mij zou overkomen. Depressief zijn hoorde niet bij mij. Ik was altijd opgewekt, zat vol plannen en had zin in het leven.” Toch overkwam het haar. Ze viel in een diepe put waaruit ze moeizaam opkrabbelde. “Ik ben er nog steeds niet, maar het gaat een stuk beter met me.”

Wanneer het begon, weet Nora (28) niet meer precies. “Het sloop langzaam in mijn leven. Ik had mijn relatie beëindigd. Na twaalf jaar was de koek tussen op, vond Bas. We waren elkaars eerste liefde, woonden in dezelfde straat. Dat Bas en ik uit elkaar gingen, vond ik verschrikkelijk. Het kwam meer van zijn kant dan van de mijne. We stonden op het punt van verhuizen naar een groter huis. Al die tijd huurde we een flat midden in de stad,  maar wilden groter wonen omdat we een kinderwens hadden.”

Klap in mijn gezicht

Opeens kreeg Bas het benauwd. Vroeg zich af of hij klaar was om vader te worden, om samen een huis te kopen. “Nee dus. Het was zo’n klap in mijn gezicht. Ik stortte me op mijn werk. Ik kon me daarin makkelijk verliezen want de werkdruk was hoog.” Ze meldde zich als verpleegkundige aan om nachtdiensten te draaien. Die uurtjes betaalden goed en ze had toch niemand die op haar wachtte.

Twijfels

“Die nachtelijke uren werken deden mij de das om. Ik zag dat alleen niet. In het donker, in de stilte had ik alle tijd om te denken en te piekeren. Ik twijfelde aan mezelf. Waarom wilde Bas niet meer met mij? Had hij een ander? Vond hij mij niet meer aantrekkelijk? Ja, ik was zwaarder geworden, maar zag er niet verschrikkelijk uit.”

Symptomen

Als Nora niet hoeft te werken, komt ze vrijwel niet haar huis uit. Ze blijft op bed liggen en zorgt slecht voor zichzelf. Haar vriendinnen maken zich zorgen om haar, maar ze wuift alles weg. Het enige dat ze nog doet is werken. Dat houdt haar op de been. Voor de rest heeft ze nergens meer zin in. “Ik leerde toen mijn echte vrienden kennen. Marissa was de enige die doorzette. Die geen genoegen nam als ik bezoek afhield. Zij kwam gewoon.” Marissa was ook degene die opperde dat Nora misschien wel depressief was. “Toen ze dat zei, lachte ik haar uit. Hoezo? Het ging gewoon even niet zo goed met me, maar dat betekende niet dat ik een depressie had.” Nora dacht wel na over wat haar vriendin had gezegd. Las er over op internet. Herkende de symptomen. “Ik dacht steeds maar: een depressie dat overkomt anderen, niet mij. Ik had het mis.”

Goede gesprekken

“Ik maakte een afspraak met mijn huisarts en zij raadde me aan om met iemand te praten. Ik vond een psycholoog waarmee het onwijs klikte. Elke week ga ik naar hem toe. Door onze gesprekken kom ik veel over mezelf te weten en snap ik beter waarom ik doe zoals ik doe. Ik heb onlangs een goed gesprek met Bas gehad en ben er nu oke mee. Ik ga door met mijn eigen leven. Dat gaat momenteel met vallen en opstaan, maar ik blijf dapper volhouden. Eens gaat de zon ook weer voor mij schijnen.”


Reageer ook