Ka d’r oudste maakt een Gezonde Pauzehap

Soms, soms word ik er zo moe van. Al die goedbedoelde adviezen op het gebied van gezond voedsel, gezond gewicht en wat kleurstoffen met je kind doen. Mijn oudste is een bonkie. Zou een fantastische rugbyer zijn. Hij heeft een schouderparty waar menig American Footballer jaloers op zou zijn. Ik vind het prachtig. Hij is compact en groot. Een kettlebell van 8 kilo tilt hij moeiteloos keurig, met zijn schouders naar boven, omhoog. Zijn broertje tilt ie regelmatig op. Het zou me niet verbazen als hij over niet al te lange tijd gaat squaten met zijn broertje op zijn rug. Maar misschien sla ik nu door.

Ik probeer zo gezond mogelijk te leven. En faal daar regelmatig in. Want ik ben ook maar een mens. Ik probeer mijn mannen vol te stampen met gezond voedsel dat vult. Zorg dat ze fruit eten, groenten naar binnen stampen en geef ze regelmatig een glas water. Dat doe ik al sinds ze heel klein zijn. Mijn moeder vond dat doodzielig. Water. Of ik wel goed bij mijn hoofd was.

Mijn oudste is een alleseter. Proeft ook alles. Daar waar mijn kleinste steevast terugdeinst om iets nieuws te proberen, is mijn oudste niet de beroerdste. Je kunt hem prima uitnodigen voor een smakelijk diner, doe je hem een plezier mee.

Twee weken terug was op de school van mijn mannen de Week van de Gezonde Pauzehap. Mijn oudste pakte de brief uit zijn rugzak en gaf hem mij, als de dood dat ik de brief ongelezen in de papierkliko zou gooien. “Dus”, prikte hij met zijn vingertje in mijn arm, “ik mag volgende week alleen maar gezonde dingetjes meenemen.” Mijn kleinste schrok. Ik vroeg hem of hij ook zo’n brief had. Hij schudde zijn hoofd. “Nee”, zei mijn oudste, “geldt alleen voor kinderen uit groep 5 tot en met 8.” Opgelucht haalde mijn kleinste adem.

Die maandag stopte ik de rijstwafels met chocola in de brooddozen. Daar stond De Gezonde Pauze-hap-politie achter me. “Neehee, mam, dat mag dus niet.” Zuchtend pakte hij de rol droge, zonder iets erop, rijstwafels en ruilde de rijstwafels om. Mijn kleinste mikte zijn eigen broodtrommeltje snel in zijn rugzak. Ik zuchtte. Dit werd een lange week, zo voorspelde ik.

Op de laatste dag van de Week van de Gezonde Pauzehap, trof ik mijn oudste ’s ochtends in alle vroegte aan in de keuken. Driftig sneed hij komkommer, gooide een handje vol snoeptomaatjes in zijn bakje en vroeg of ik nootjes had. Nootjes? Ja, ik had van die ongezouten ongebrande naar niets smakende noten. “Top”, stak mijn oudste zijn duim op. In een bakje deed hij nootjes. “Ik weet zeker dat de juf trots op me is”, straalde hij.

komkommers-Bob-c

En de juf was trots. Ook op de moeder van een klasgenootje die een komkommer in een krokodil had veranderd. Ik zag mijn oudste denken: ‘kon mijn moeder dat ook maar’. Maar zijn moeder heeft weer andere kwaliteiten. Bijvoorbeeld een mooi evenwicht vinden in gezond maar vooral ook lekker.

Die maandag verstopte ik een rijstwafel met chocola onder de boterhammetjes van mijn oudste. En ik wist: ik zou weer de liefste moeder van de hele wereld zijn…

Karin van Leeuwen (43 jaar) schrijft vanuit uit haar eigen bedrijf De Gooise Pen en is drukker dan ooit. Heeft twintig jaar voor kranten gewerkt en schrijft blogs voor Damespraatjes. Ze woont samen met Robert Brekelmans en hun twee boenders Bob en Tom in ’t Gooi. Naast schrijven is lezen een grote hobby. De andere passie is sporten; heel wat uurtjes brengt zij door in de sportschool om een spinning-, pump-, of bodybalanceles te volgen. Sinds kort is ze regelmatig op het voetbalveld te vinden om het team van haar oudste te coachen.


Reageer ook