Toen Rochelle drie jaar geleden een foto van Johnny zag, was ze eigenlijk meteen verkocht. “Het was geen knapperd, dat geef ik eerlijk toe. Maar hij had zulke lieve ogen. Ik wist gewoon dat ik hem een kans wilde geven.” Johnny kwam via Marktplaats bij haar terecht. Hij was vanuit Roemenië naar Nederland gehaald, maar zijn vorige baasjes merkten al snel dat hij niet goed met hun kinderen overweg kon.
Volgens Rochelle is Johnny thuis vooral een ontzettend lieve hond. “Hij is superlief, heel speels en ontzettend trouw aan mij. Hij volgt me eigenlijk overal.” Toch heeft hij ook een gebruiksaanwijzing. “Als er wordt aangebeld, gaat hij helemaal los. Dan blaft hij alsof er een inbreker voor de deur staat.” Rochelle vindt dat vervelend, maar nooit ernstig genoeg om er echt iets mee te doen. “Ik dacht altijd: hij is gewoon waaks. Daar kunnen we wel mee leven.”
Ik dacht dat het perfect geregeld was
Toen Rochelle een nieuwe baan kreeg, moest ze wel iets regelen voor de middagen waarop ze werkte. “Ik kon Johnny natuurlijk niet zomaar negen uur alleen laten. Dat vind ik echt te lang.” Ze besloot daarom gebruik te maken van een uitlaatservice. “Hij zou drie middagen per week meegaan. Ik dacht: ideaal. Hij lekker naar buiten en met andere honden spelen, terwijl ik aan het werk ben.”
In eerste instantie leek dat ook goed te gaan. “Ik kreeg niet meteen te horen dat er grote problemen waren. Daarom dacht ik dat het allemaal wel meeviel.” Maar na een paar weken ging de telefoon. “Ik zag het nummer van de hondenmevrouw en wist eigenlijk meteen dat er iets was. Ze zei dat Johnny niet meer mee kon.”
Hij gedraagt zich niet sociaal
De reden kwam behoorlijk hard binnen. “Ze zei dat Johnny zich in de groep aanhoudend onsociaal gedroeg. Hij kon blijkbaar niet goed met de andere honden omgaan en zorgde voor te veel onrust.” Rochelle schrok daar enorm van. “Ik wist natuurlijk dat hij thuis waaks is, maar ik had geen idee dat het met andere honden zo ingewikkeld was.”
De hondenmevrouw gaf haar nog wel advies. “Ze zei dat ik Johnny meer grenzen moest geven en dat een cursus misschien verstandig zou zijn.” Ook werd een gedragstherapeut of een speciale cursus voor honden met gedragsproblemen genoemd. “Op dat moment dacht ik vooral: hoe dan? Ik moet over een paar dagen gewoon weer werken en ik heb nog steeds geen oplossing voor die middagen.”
Ik zit echt met mijn handen in het haar
Rochelle probeerde tijdelijk hulp te krijgen van haar buurvrouw. “Zij wilde Johnny gelukkig een tijdje uitlaten. Daar was ik ontzettend blij mee, want ik wist echt niet wat ik anders moest doen.” Helaas bleek ook dat geen blijvende oplossing. “Ze heeft nu aangegeven dat ze er ook mee wil stoppen. Ik snap dat natuurlijk, maar het komt voor mij wel heel ongelukkig uit.”
Het probleem is daardoor groter geworden dan alleen een hond die niet meer mee mag met de uitlaatservice. “Ik moet drie middagen per week werken. Ik kan Johnny niet meenemen en ik wil hem ook niet negen uur alleen laten.” Rochelle zucht. “Ik zit echt met mijn handen in het haar. Ik weet gewoon even niet wat verstandig is.”
Misschien heb ik het te lang laten liggen
Achteraf vraagt Rochelle zich af of ze Johnny eerder had moeten laten begeleiden. “Misschien heb ik het inderdaad te lang laten liggen. Ik heb zijn gedrag thuis altijd een beetje afgedaan als: zo is Johnny nou eenmaal.” Toch heeft ze nooit het idee gehad dat ze een probleemhond had. “Hij is voor mij gewoon mijn lieve hond. Hij komt bij me liggen, wil spelen en is ontzettend aanhankelijk.”
Dat hij uit Roemenië komt, maakt haar achteraf wel nieuwsgierig naar zijn verleden. “Ik weet eigenlijk helemaal niet wat Johnny heeft meegemaakt voordat hij bij mij kwam. Ik weet alleen dat hij naar Nederland is gehaald en daarna weer weg moest omdat hij niet goed met kinderen kon.” Volgens Rochelle kan dat misschien verklaren waarom bepaalde situaties voor hem moeilijk zijn. “Maar ik ben natuurlijk geen hondenexpert.”
Ik wil hem niet zomaar wegdoen
Eén ding weet Rochelle in ieder geval zeker: Johnny gaat niet zomaar weg. “Ik hoor mensen soms zeggen: dan doe je hem toch naar iemand anders? Maar zo voelt dat voor mij helemaal niet. Johnny is al een keer van huis gewisseld. Ik wil niet degene zijn die hem opnieuw in de steek laat.”
Ze beseft tegelijkertijd dat er iets moet veranderen. “Ik kan niet verwachten dat iedereen zich aanpast aan Johnny. Als hij niet in een groep kan, dan moet ik kijken wat wel bij hem past.” Misschien is een individuele uitlaatservice een optie. “Als iemand hem alleen uitlaat en ervaring heeft met dit soort gedrag, zou dat misschien veel beter werken.
Misschien moet ik eindelijk hulp zoeken
Rochelle overweegt nu serieus om met Johnny naar een gedragstherapeut te gaan. “Ik denk dat ik eerst moet begrijpen waarom hij zich zo gedraagt. Is hij bang? Is hij onzeker? Wordt hij te druk? Ik weet het gewoon niet.” Ze hoopt vooral dat iemand haar kan leren hoe ze hiermee moet omgaan. “Ik wil niet dat Johnny steeds wordt gezien als die vervelende hond die nergens mee naartoe kan.”
Ook het advies om meer grenzen te stellen neemt ze serieus. “Ik denk dat ik daar eerlijk gezegd wel wat mee moet. Ik ben misschien te makkelijk geweest. Omdat hij zo lief voor mij is, heb ik zijn gedrag soms gewoon geaccepteerd.” Tegelijkertijd wil ze niet ineens heel streng worden. “Ik wil hem niet bang maken. Ik wil juist dat hij zich veilig voelt en leert wat er van hem wordt verwacht.”
Heb ik het zover laten komen?
Toch blijft er één vraag door haar hoofd spoken. “Heb ik Johnny te veel zijn gang laten gaan, waardoor het nu zo ver is gekomen?” Ze hoopt dat ze daar niet te streng voor zichzelf over hoeft te zijn. “Ik heb altijd gedacht dat ik goed voor hem zorgde. Misschien is dit gewoon het moment waarop ik moet leren dat liefde voor je hond soms ook betekent dat je grenzen moet stellen en hulp moet accepteren.”
Afbeelding: Freepik

Petra van Dorp -
‘Misschien heb ik het inderdaad te lang laten liggen’. Nee stomme trut, en ik word loeipissig van mensen zoals jij, je had VAN TEVOREN je moeten verdiepen in de aanschaf/opvang/training/begeleiding van een hond. En zeker in het geval van een hond uit een Oostblokland die ook nog eens via Marktplaats verkocht werd, mét de waarschuwing dat hij niet met kinderen om kon gaan. Allerlei rode vlaggen (en waarom kijk je niet in godsnaam in de asiels in Nederland? Die zitten stampvol!) maar nee hoor, jij valt voor zijn ogen en staat totaal nergens bij stil. Om te kotsen, van die mensen die volledig onvoorbereid aan een huisdier gaan beginnen en geen tijd willen vrijmaken om hun fouten te herstellen. ‘MaAr Ik MoeT WeRKen!’ Had dat dan eerder bedacht. Je hond IS al vervelend en jij hebt hem de vrije hand gegeven. En dan achteraf nieuwsgierig worden naar zijn verleden? Te idioot voor woorden. Maar gelukkig, je hebt het licht gezien: je overweegt (kots, kots) om naar een gedragstherapeut te gaan. Misschien kun je zelf ook een lesje gedragstherapie nemen: ‘hoe stort ik me niet in een situatie waar ik geen kaas van heb gegeten zodat ik niet online hoef te gaan janken dat het niet loopt zoals ik het wil’.