Sandra checkt of ze last heeft van cyberchondrie

“Ben je bang om dood te gaan?” vroeg de huisarts een keer aan een vriendin van me. “Natuurlijk ben ik bang om te sterven. Maar wat is dat nou voor een rare vraag als ik met buikpijnklachten naar uw spreekuur kom?” antwoordde mijn vriendin, waarop de huisarts vervolgens met een mond vol tanden zat. Zijn vraag was eigenlijk bedoeld om te achterhalen of mijn vriendin hypochondrisch was, want met ieder wissewasje zat ze bij hem om te checken of het geen kanker of hersentumor was. 

Wat doe je als je ergens last van hebt?

Zelf ben ik van mening dat je zoveel mogelijk naar je lichaam moet luisteren. Vermoed je dat er iets aan de hand is trek dan zeker aan de bel bij je huisarts. Hoe vaak gebeurt het niet dat iemand wekenlange buikpijn negeert en het later iets ergs blijkt te zijn. Is er met mij zelf iets aan de hand dan bespreek ik het binnen mijn gezin. Mijn man raadt me vaak aan om bij de huisarts langs te gaan. Maar voordat ik dat doe speur ik het internet even af om te zien wat er mogelijk aan de hand kan zijn. Mijn conclusie naar aanleiding van mijn gegoogle is meestal dat ik het nog 2 dagen moet aankijken. En gelukkig klopt dat bijna altijd :-).

Diagnose in de virtuele wereld

Dr. Google is tegenwoordig niet meer weg te denken bij de voorbereiding op je gang naar de huisarts. Zelf stelt het lezen van medische websites me meestal wel gerust. Maar ik begrijp dat dat voor lang niet iedereen het geval is, zeker als je het volgende berichtje leest dat ik een tijd geleden tegenkwam op digitale versie van Vrij Nederland dat over cyberchondrie gaat: “In de echte wereld is de kans dat hoofdpijn veroorzaakt wordt door een hersentumor 0,0116 procent. In de virtuele wereld is dat drie procent.”

Wat is cyberchondrie?

Cyberchondrie is een moderne benaming voor hypochondrie en verwijst naar het obsessief zoeken naar vermeende medische problemen op het internet. De beschrijving van de problemen op internet zijn heel vaak ervaringsverhalen. Unieke verhalen die vaak waargebeurd zijn, maar meestal eerder uitzondering dan regel. Een goed voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld de droge hoest. Zo kan het zijn dat een droge hoest omschreven wordt als mogelijk symptoom voor longkanker terwijl er heel veel alledaagse kwalen zijn die gepaard gaan met zo’n (meestal zeer onschuldige) droge hoest.

Hoe kun je cyberchondrie voorkomen?

Mogelijk is een ervaring uit het verleden de reden om te denken dat je iets onder de leden hebt. Het kan zijn dat je oma of een goede vriend ooit een verkeerde diagnose heeft gekregen bij de artsen en daardoor iets is overkomen. Dat kan ook bij jou een trauma tot gevolg hebben gehad.

Begin je er echt last van te krijgen overleg dit dan met de huisarts. Er zijn behandelingen mogelijk, bijvoorbeeld cognitieve gedragstherapie.

Sandra heeft geen last van cyberchondrie!

Zoals ik hierboven al even beschreef kijk ik ook wel op Google als ik ergens last van heb. Dat doe ik niet als ik “gewoon” een dagje last van keel- of buikpijn heb. Laatst was er een adertje in mijn oog gesprongen en dan vind ik het wél fijn om te zien waardoor het zou kunnen komen. Eigenlijk word ik meestal meteen gerustgesteld. Soms bel ik voor de zekerheid met de doktersassistente om te vragen of het raadzaam is de huisarts te raadplegen.

Denk jij vaak dat je ziek bent?

Schrik jij van de diagnoses op internet? Wat doen je dan? Ga je naar de huisarts of ga je bang in je bed liggen in de veronderstelling van het ergste? Laat het ons weten in de comments onder dit artikel.


Reageer ook