Patricia Smink, Ik ben Wild

Mag ik mij voorstellen, ik heet Wild en ik ben wild, ik eet wild en ik leef in het wild. Helaas wordt mijn levensstijl niet door iedereen gewaardeerd. Sommige willen mij een kopje kleiner te maken. Ik ben een leeuw en leef in een Afrika. Na een strenge maar ook liefdevolle opvoeding kan ik nu op eigen poten staan. Ik geniet nog van een vrijgezellen bestaan maar ben wel aan het sjansen met mooie meiden.

Wat ik heel goed kan is jagen. Als kind begon ik met kleine prooien zoals kikkers en later hazen. Ik kreeg ze allemaal te pakken, maar weinige ontsnapte. Vandaag de dag ben ik niet meer zo van de springers maar een goed stuk rundvlees. Buffel en zebra zijn niet te versmaden.

Mijn moeder vertelde altijd dat “wij leeuwen” de “King of the Jungle” waren en voor niets of niemand te vrezen hadden. Ik vond dat een heerlijk gevoel. Na een gruwelijke gebeurtenis vorige week ben ik dat vertrouwen helemaal kwijt. Ik ben nog nooit zo bang, verdrietig en teleurgesteld geweest…

Het was een mooie avond. Met wat vrienden gingen we op jacht. Onze zinnen hadden we gezet op een zebrakalf. We bespraken de tactiek en gingen op pad. Al gauw hadden we ons avondeten in het vizier. Met zijn allen slopen we dichterbij en sprongen op de zebra, Hebbes!!! Het smaakte voortreffelijk!

Na een paar happen gebeurde het; een gigantische knal. Mijn hart ging als een razende tekeer. Mijn vriend lag op de grond. Ik ging kijken toen er nog zo’n enorme knal volgde. Mijn ander vriend viel om. Verschrikt keek ik op en een derde knal klonk. Ik zette het op een lopen. Ik ben blijven rennen tot ik me achter een flinke boom kon verstoppen. Ik was totaal buiten adem.

Na een poos gechoqueerd gestaan te hebben keek ik voorzichtig langs de stam naar de plek waar ik van weg gerend was. Er stond een jeep en een paar mannen zaten gehurkt bij mijn vrienden. Ik slaakte een zucht van verlichting, er was hulp voor ze, het komt allemaal goed.

Ik twijfelde erheen te gaan, was het veilig? Het niet weten hoe het met mijn vrienden ging deed mij beslissen te gaan kijken. Ik liep langzaam. Ik zag ze beiden liggen. Maar ik zag ook dat de mannen niet hielpen, ze maakten foto’s. Elke man ging met één van mijn vrienden op de foto. Eentje stond te juichen en toen zagen ze mij… Pang… Ik voelde een snijdende pijn in mijn lijf en viel om.

Ik zweefde boven mijn lijf. Ik zag en hoorde alles maar kon mij niet bewegen. Die mensen legden ons in de jeep die naar een loods reed. Wat daar gebeurde is onbeschrijfelijk, ze trokken onze mooie jassen van onze lijven. Ik was razend en brulde dat ze ons met rust moesten laten maar ze hoorden me niet.

Mijn gewassen en gestreken jas werd verzonden, ik verloor hem niet uit het oog. Met een jeep, een boot en een auto ging mijn jas naar de plaats van bestemming. De dame was zo blij. Ze legde mijn jas midden in de kamer en een grote glimlach sierde haar gezicht. Ze zette een stoel op mijn poten, ze was een gelukkige vrouw met het mooiste kleed van de wereld.

De “King of the Jungle” heeft niks te vrezen. Niet van het wilde leven maar wel van de wilde mensen…. weet ik nu.

Ik heet Wild, ik was wild, ik at wild en ik leefde in het wild, tot mensen het hebben verknalt!

 

Reageer ook