Oogcontact ‘maken’ is niet nodig

Aangereden worden terwijl je fietst op een fietspad. Het overkwam mij onlangs bijna. De bestuurder had me niet gezien. Dat geloofde ik. Ze schrok nl enorm toen ze me van mijn fiets af zag springen. Vele excuses volgden.

Het probleem was niet haar zicht. Het had alles te maken met aandacht. Met de juiste aandacht ook. Ze heeft absoluut met haar hoofd van links naar rechts gedraaid voor ze het fietspad overstak, dat heb ik gezien! Maar ze had niet haar aandacht gericht op haar omgeving. Niet onbelangrijk als je aan het verkeer deelneemt.

Ik zie het ook terug in presentaties. Een spreker die het hoofd ronddraait en de ogen ongemerkt meeneemt. Ietwat glazig of schokkerig soms en te snel over de ziel van het publiek heen bewegend. Ik krijg dan de indruk alsof ie alleen met zichzelf bezig is. Mensen  in het publiek voelen dit ook. Ze voelen dat ze geen onderdeel zijn van het feestje, mocht de speech dan al een ‘feestjes-niveau’ hebben.

Er zijn ook sprekers die lang en actief ‘oog-con-tact’ met luisteraars maken. Met van die priemende koplampen die iets vooruit lijken te stuwen. Ik krijg dan meestal de neiging weg te willen. Dan is er wel ‘oogcontact’ geweest, maar voor mij waren de lijnen niet verbonden. Net zoals een voicemail bericht van iemand die boos op je is; er is een contactmoment maar zonder ‘verbinding’.

Waarom is verbinding eigenlijk belangrijk? Daar kan ik kort en krachtig over zijn; relatie gaat namelijk vóór de inhoud. Als je publiek niet voelt dat jij als spreker voor hen aanwezig bent, zullen ze onbewust ‘nee’ tegen je zeggen. Ze haken af. Ze kijken misschien nog wel naar je, maar ze nemen je boodschap niet op.

Hoe zit het dan precies met die ogen als je presenteert? Hoe maak je goed oogcontact, krijg ik vaak als leervraag toegeworpen. Ik op mijn beurt vraag dan ‘is het nodig dat je iets (actief) ‘maakt’? Het pretendeert dat je het ook voor ‘elkaar kunt krijgen’ dat ‘oog-con-tact’, jij zelf in je eentje. Kijk toch eens hoe goed ik ‘oogcontact’ kan ‘maken’!

Voor mij is het geen verdienste noch een activiteit. Wat ik ooit leerde is dat je niet zo je best hoeft te doen met je ogen als je spreekt. Je hoeft alleen maar met je aandacht via je ogen ‘beschikbaar’ te zijn. Beschikbaar met neutrale en ontspannen ogen. Zoals naar een weiland met koeien kijken. En verder….eigenlijk niets! Dit heeft meer te maken met zijn dan met iets doen.

Eigenlijk doe je niets, alleen neutraal en onbevooroordeeld kijken, zodat je benieuwd kunt zijn naar wat er dan gebeurt en welke woorden zich aandienen. Er ontstaat daarmee een perifere, brede open blik. Er ontstaat ruimte. Ruimte tussen jou en al die gedachten die je zo in de weg kunnen zitten als je presenteert (“Ze zullen wel…”, “Wat als……” of “Ik ben niet….” etc.), ruimte voor de juiste woorden en ruimte voor verbinding. Het idee erachter is dat contact, of verbinding zo je wilt, namelijk vanzelf ontstaat als je beschikbaar bent.

Het lijkt een subtiel verschil in woorden ‘oogcontact maken’ of ‘beschikbare zijn via je ogen’, maar het effect terwijl je presenteert is enorm en onbegrensd! Wat ik zie als mensen beschikbaar zijn via hun ogen, is dat ze meteen ontspannen, aanwezig zijn, en als vanzelfsprekend hun zinnen laten ontstaan. Hoe meer je jezelf oefent in ‘niets doen’ hoe krachtiger en echter je uitstraling wordt. Je wordt op een natuurlijke manier ‘aantrekkelijk’ voor…geïnteresseerden, collega’s, personeel en klanten.

Met niets doen veel laten gebeuren. Wie wil dat niet? Ik nodig je uit je aandacht via je ogen beschikbaar te stellen, terwijl je spreekt en wees benieuwd naar wat er gebeurt. (Pas op, niet te hard werken!)

Lianne Ebbinkhuijsen begeleidt ondernemende professionals om met spreken en presenteren expertstatus en klanten te krijgen. Vraag het gratis E-rapport aan “De 5 Essentiële Onderdelen van een Presentatie waarmee Jij je Idee of Dienst Verkoopt” via http://www.beingintheroom.nl

 

 


Reageer ook