Sommige dingen hoor je en wens je dat je ze nooit had gehoord. Dat gevoel had Linda (41) toen een vriendin haar onlangs iets vertelde tijdens een etentje. “Ik dacht eerst dat ze een grap maakte,” zegt Linda. “Maar ze keek me bloedserieus aan.” Wat haar vriendin vertelde, heeft Linda’s kijk op hotelovernachtingen voorgoed veranderd. “Ik slaap best vaak in hotels voor mijn werk. Vanaf nu neem ik mijn eigen waterkoker mee. Echt waar.”
Onschuldig gesprek
Het begon allemaal heel onschuldig. Linda was met een paar vriendinnen uit eten en het gesprek ging, zoals zo vaak, over reizen. “We hadden het over weekendjes weg, hotels, wat je altijd meeneemt en wat juist niet.” Iemand vertelde dat ze altijd slippers draagt in de hotelkamer. Een ander zei dat ze nooit iets van de minibar aanraakt. “En toen zei die vriendin ineens: ‘Ja, ik kook altijd mijn slipjes even uit in de waterkoker.’” Linda lacht ongemakkelijk als ze eraan terugdenkt. “Ik weet nog dat ik zei: ‘Haha, ja joh.’ Maar zij herhaalde het. Serieus. En toen zei ze: ‘Dat doet bijna iedereen die ik ken.’”
Steeds erger
Wat Linda misschien nog wel het meest schokte, was dat het niet bij die ene vriendin bleef. “Ze begon namen te noemen. Andere vriendinnen, kennissen. Blijkbaar is dit een ding.” Slipjes, sokken, soms zelfs wasbare luiers. “Even uitkoken, zei ze. Hygiënisch en handig.” Linda voelde de eetlust langzaam verdwijnen. “Ik zag ineens al die hotelkamers voor me. Al die waterkokers waar ik zonder nadenken thee mee zet.” Ze gruwelt nog steeds. “Ik heb zó vaak ’s avonds een kopje thee gemaakt in mijn hotelkamer. Nooit bij stilgestaan dat iemand daar misschien zijn ondergoed in heeft gekookt.”
‘Je spoelt het toch om?’
Toen Linda aangaf hoe vies ze het vond, werd haar reactie niet echt begrepen. “Ze zei: ‘Je spoelt de waterkoker toch om?’ Alsof dat alles oplost.” Voor Linda voelde dat totaal anders. “Er zijn gewoon dingen die je niet combineert. Ondergoed en iets waar mensen water in koken om te drinken? Dat is voor mij een grens.” Wat haar extra stoorde, was de luchtigheid waarmee het werd gebracht. “Alsof ik me aanstelde. Alsof ik preuts was.” Maar Linda voelt zich allesbehalve overdreven. “Ik vind het ronduit walgelijk. Punt.”
Hotelvertrouwen weg
Sinds dat gesprek is Linda anders naar hotels gaan kijken. “Het klinkt misschien overdreven, maar er is iets geknapt.” Ze merkt dat ze zich minder op haar gemak voelt. “Ik kijk ineens naar alles met een andere blik. Wat is hier nog meer gebeurd waar ik geen weet van heb?” De waterkoker is voor haar het grootste struikelpunt. “Dat ding vertrouw ik gewoon niet meer.” Linda heeft inmiddels een kleine reiswaterkoker besteld. “Die gaat standaard mee. Net als mijn eigen mok. Dan weet ik tenminste zeker wat ik gebruik.”
Afstand van een vriendin
Het gesprek had nog een ander gevolg. “Ik merk dat ik even afstand neem van die vriendin.” Niet uit boosheid, maar uit afkeer. “Elke keer als ik haar zie, moet ik daaraan denken. Aan hoe normaal zij dit vond.” Linda vindt het lastig om dat los te laten. “Misschien zegt het ook iets over hoe verschillend je naar hygiëne kijkt.” Ze heeft haar vriendin inmiddels laten weten dat ze het verhaal liever niet had gehoord. “Ze lachte erom en zei dat ik me aanstelde.” Dat deed pijn. “Ik had gehoopt op iets van begrip. Van: oké, dit is misschien niet voor iedereen.”
Meer mensen reageren geschokt
Toen Linda het verhaal later met collega’s deelde, bleek ze niet de enige die geschokt was. “Iedereen reageerde hetzelfde: ‘Nee toch?!’” Sommigen gingen zelfs meteen online zoeken. “Blijkbaar zijn er echt forums waar dit wordt besproken. Mensen die tips uitwisselen over hoe je het ‘het beste’ kunt doen. Ik snap daar dus helemaal niks van.” Voor Linda is het simpel. “Een hotelkamer is geen privéruimte zoals je eigen huis. Je deelt die faciliteiten, indirect, met anderen.” Dat besef lijkt volgens haar bij sommige mensen volledig te ontbreken.
Nooit meer gedachteloos
Linda weet niet of ze ooit weer helemaal ontspannen een hotelovernachting zal hebben. “Het klinkt dramatisch, maar dit soort informatie krijg je niet meer uit je hoofd.” Ze is alerter geworden, misschien zelfs wat achterdochtiger. “Maar liever dat, dan weer gedachteloos thee zetten.” Of ze haar vriendin ooit weer met dezelfde blik zal zien? “Geen idee,” zegt ze eerlijk. “Voor nu denk ik: sommige dingen kun je beter níét delen.” Eén ding weet ze wel zeker: “Mijn hotelovernachtingen zullen vanaf nu anders zijn. En die waterkoker? Die raak ik niet meer aan.”
Afbeelding: Freepik
