Damespraatjes Damespraatjes

Ka waagt een gokje online en verdubbelt haar inzet

Met het puntje van zijn tong uit zijn mond, hangt mijn jongste over de puzzel van Jan van Haasteren. Zachtjes bump ik hem met mijn heupen opzij zodat we naast elkaar de stukjes kunnen wegleggen. Sinds ik met mijn drie mannen langer dan ooit aan huis ben gekluisterd doen we opeens van alles dat we, voor dat Covid woest om zich heen sloeg, nooit deden.

“Mam, zou dit de haai zijn?” Mijn ademhaling versnelt. Het is niet waar. Heeft die wijsneus uit die doos met duizend stukjes nu al de haai gevonden? Echt? Gewoon nu al dat levensgevaarlijke beest dat Van Haasteren in elke puzzel die hij tekent, stopt? Wie dat stukje vindt, mag een wens doen. Zo zijn de regels in dit huis. Tommie knijpt zijn ogen dicht en doet wat hij moet doen. “En? En? En?” Gedecideerd schudt hij zijn hoofd. “Als ik de wens hardop zeg, komt íe niet uit. Dat weet iedereen mam.” Ik weet wel wat ik zou wensen; een geldboom. Eentje die elk jaar dikke opgerolde vijftig euro biljetten aan de takken heeft hangen. Dromend zoek ik de rechte stukjes uit de doos en puzzel verder.

Lees ook: Ka houdt humor, ritme en incasseringsvermogen prima op peil tijdens de coronacrisis

Pannenkoekenplant

Een andere activiteit waarmee ik me nooit zo bezig hield, is internetten. Met mijn armen wijd voor optimale balans surf ik op de digitale snelweg en kom ik terecht op de meest fantastische en opmerkelijke sites. Waarop wordt uitgelegd hoe je een steen moet beschilderen om deze vervolgens ergens buiten te verstoppen in de hoop dat de vinder er blij van wordt. Geniaal! Of een site met alles over het stekken van een pannenkoekenplant. Kom er maar eens om! Die sites zag ik vroeger echt niet, dat heeft echt met tijd en tijdelijke verveling te maken.

Laatst googelde ik online gokkasten spelen. Ja, ik had ze vaak genoeg zien zitten in mijn stamkroeg, mannen die driftig euromuntstukken in de gokkast mikten. En zuchtten van verlichting als ze hoorden hoe hun euro’s plus de winst in het bakje rolden. De vraag: “Hee Sjaak, moet ik het even voor je wisselen in briefjes?” klonk als muziek in hun oren.

Dat je in plaats van op een harde, oncomfortabele kruk te zitten een gokje online kan wagen vanuit je luie stoel is compleet nieuw voor mij. Eigenlijk ben ik niet zo’n gokker, omdat ik simpelweg niet ben geboren voor financiële voorspoed. Ik koop soms een lot als ik weer eens denk te voelen dat de sterren mij gunstig gezind zijn als zij vanuit het universum me de weg wijzen naar de lotenverkoper. Soms win ik wat. Vijf euro. Soms zelfs twintig. Dan ben ik dolgelukkig. Ja, een kinderhand is snel gevuld.

Gokje online wagen

Ik neus wat rond op de site vol gokkasten en twijfel of ik een keer zou spelen. Ik weet van mezelf dat ik nooit honderden euro’s zou verspelen, maar of ik nou een lot van zeventienenhalve euro koop, of dat bedrag in een virtuele gokkast gooi en een gokje online waag, maakt ook niet veel verschil. Terwijl de jongens over mijn schouders meekijken, win ik. Ik verdubbel mijn inzet en pak ogenblikkelijk mijn winst. “Mam, toe nou, speel nou verder, misschien win je nog wel veel meer,” vindt mijn oudste. Mijn jongste wrijft in zijn handen en is van mening dat ik de winst moet delen met hem en zijn broer.

Winst delen

Grijnzend pak ik mijn portemonnee en geef ze allebei vijf euro. Mijn oudste kijkt nog steeds een beetje verongelijkt, vindt nog steeds dat ik verder moet spelen. “Schat, ik win nooit wat. Ik ben ongelukkig in het spel maar enorm gelukkig in de liefde,” wijsneus ik terwijl ik fluitend de hele buitenrand van de Van Haasteren-puzzel achter elkaar neerleg.

 


Reageer ook