Ka cruiset door St. Tropez in een Maserati

Op de snelweg worden we ingehaald door een blinkende zwarte Maserati. Bob en Tom verdraaien hun nek. “Wow. Wat een kapot vette auto. Zag je ‘m ook mam?” Ik knik. Mijn been slaapt omdat ik de hele weg al met een enorme tas vol voedsel tussen mijn knieën zit. “Zou jij er ook wel zo een willen hebben?” Ik wil niet over auto’s praten. Ik kan nog geen Porsche van een BMW onderscheiden. Ik wil alleen maar koffie en naar de wc. Bob en Tom zijn verwikkeld in een Top Gear-gesprek en verwachten al eigenlijk helemaal geen antwoord meer.

Als we stoppen bij de pomp, komt ‘ie aansuizen. Het zwarte blinkende monster op vier wielen. Mijn mannen worden gek. Tom schudt zo hard aan mijn schouder dat ik even vrees dat ie uit de kom is. “Maak een foto. Mam, toe nou.” Ik stel voor dat hij dat zelf doet. Sterker: misschien kan hij vragen aan de bestuurder of hij samen met de auto op de foto mag. Als de eigenaar van de droom van menig jongetje uitstapt, weet ik wel zeker dat hij dat geen probleem vindt. Het is een vijftiger. Geverfd haar in een vlassig staartje. Nonchalant hangt hij de benzineslang in zijn auto. Scant de omgeving op naar verlangende blikken. Het zijn vooral mannen en jongens die vol ontzag naar de heilige koe staren. Als de man gaat betalen, komen ze uit alle hoeken en gaten tevoorschijn. Laten zich snel fotograferen met de auto. En Vlassig Baardje wéét dat. Is het gewend.

Minutenlang kijken Bob en Tom naar het schermpje van mijn iPhone. De foto die ik van hen maakte, vinden ze heilig. Ik word er niet warm of koud van. Als ik zeg dat ik die twee gassies naast de auto veel interessanter vind, rollen ze met hun ogen. Slaken een diepe zucht.

Ze verheugen zich op St. Tropez. “Ja,” glundert De Man, “daar gaan jullie fantastische auto’s zien. En enorme boten.” Ik heb vooral zin in de winkeltjes. Als zij staan te kwijlen bij blinkende scheurijzers, houd ik de economie in Zuid Frankrijk wel draaiende. Koop voor veel geld een knalroze bloesje dat alleen in de zomer en in dit land leuk is. In de wc van een peperduur koffietentje trek ik het aan. Ruk het prijskaartje uit de kraag. Knipoog tevreden naar mijn spiegelbeeld.

Via het smalle trappetje kom ik weer in het restaurant. Aan een tafeltje voor het raam is plek. Ik ga zitten. Bestel in mijn beste Frans een koffie. Zucht tevreden. Ik heb nog een uur voor mezelf. Daarna tref ik mijn mannen weer. Ik spit mijn tasjes door. Bekijk mijn aankopen. Als ik daarmee klaar ben, pak ik mijn boek. Ver kom ik daar niet in. “Puis-je me joindre á vous?” klinkt het opeens naast me. Verrast kijk ik op.

We hebben veel bekijks als we stapvoets over de boulevard cruisen. Mijn nieuwe bloes steekt perfect fel af bij de glimmende zwarte wagen. Eentje zonder afgekloven appels, kapot geknepen pakjes Fristi, Fruitella-papiertjes of volgesnoten zakdoekjes. In plaats daarvan ruikt het er naar citroen en een kruidige aftershave. “Corne ici parce que mes hommes merchant,” zeg ik hem. Grijnzend kijkt hij me aan en toetert. Ik roep ‘joehoeh’ en glijd langs mijn drie mannen die met open mond naar me kijken.

Ze zijn jaloers. De hele vakantie lang. Nergens voor nodig, maak ik ze duidelijk. “Het was een leuk ritje hoor, maar het is maar een auto. Wat stelt zo’n Maserati nou helemaal voor?”

Als blikken konden doden, was de bijrijderstoel in ons saaie autootje op de terugreis onbevrouwd gebleven.

Karin van Leeuwen (44 jaar) is eigenaar van tekstbureau De Gooise Pen. Heeft meer dan twintig jaar voor kranten gewerkt en schrijft blogs voor Damespraatjes. Ze woont samen met Robert Brekelmans en hun twee mannen Bob en Tom in ’t Gooi. Naast schrijven (momenteel is ze druk met een boek!) is lezen een grote hobby. De andere passie is sporten; heel wat uurtjes brengt zij door in de sportschool voor spinninglessen en krachttrainingen. Alledrie haar mannen atletieken en Bob en Tom doen daarnaast aan freerunning.


Reageer ook