Gouden tijden, zwarte bladzijden, Boekenweekcolumn van Marion Bloem

Marion-Bloem-portret-dp
Mijn uitgever zei, toen ze het manuscript ´Een meisje van honderd´ gelezen had, dat deze titel perfect aansloot bij het boekenweekthema van 2013.
“Wat is het thema dan?’ vroeg ik benieuwd.
Meestal ontdek ik dat pas tegen de tijd dat de uitnodigingen voor het boekenbal in de brievenbus liggen. Als ik met een roman bezig ben, laat ik me niet afleiden door de media.
“Zwarte bladzijden uit de geschiedenis,” zei de uitgever met een triomfantelijke glimlach op haar gezicht.
En ja, mijn boek gaat daarover, alhoewel het de bloeiende tijden niet overslaat.
Ik vroeg: “Verstaan ze daar niet alleen de Europese geschiedenis onder?”
“Ze zullen inmiddels toch wel weten dat de koloniale geschiedenis bij de Nederlandse hoort?” lachte mijn uitgever met een blik van verstandhouding die verraadde dat we daar nog altijd zo zeker niet over kunnen zijn.

Mijn roman vertelt een familieverhaal dat zich afspeelt in de gordel van smaragd gedurende de eeuw waarin zoveel zwarte bladzijden voorkomen, dat je beter van zwarte tijden kunt spreken. Misschien dat ik mezelf daardoor telkens aan iedereen hoorde zeggen dat het boekenweekthema van 2013 ‘Zwarte bladzijden in de Nederlandse geschiedenis was. Niemand verbeterde mij tot kort geleden.
Mijn uitgever is inmiddels hoofd van een andere uitgeverij en alhoewel de nieuwe uitgever mij al bekend was, hadden we toch een hernieuwde kennismaking bij mij thuis.
“Zijn er wel genoeg exemplaren van mijn nieuwe roman in voorraad vanwege het boekenweekthema, want dat is ‘zwarte bladzijden in slechte tijden’,” zei ik.
“Dat houden we goed in de gaten en de boekhandel wordt extra op de hoogte gebracht, maar het thema is: “Gouden tijden en zwarte bladzijden.”
“Ik denk dat je je vergist,” zei ik eigenwijs.
En hij leverde onmiddellijk het bewijs dankzij internet.

Toch bleef het niet goed in mijn hoofd zitten. Ik maakte er onbewust ‘Zwarte tijden en gouden bladzijden’ van. Voor mij klonk dat logisch: om die gouden bladzijden te bereiken zijn de tijden immers voor de onderdrukte bevolking vaak langdurig zwart geweest, nog los van de tweede wereldoorlog en de bloedige revolutietijd waarbij jonge mannen uit Nederland naar de andere kant van de wereld gestuurd werden, omdat ze de sinds lang veroverde kolonie niet wilden afstaan.

Mijn moeder, inmiddels 83 jaar oud, is het levend bewijs van onverwerkte trauma’s sinds 1942. Dagelijks wordt ze geplaagd door haar angsten uit die tijd. Ze heeft slapeloze nachten sinds mijn vader niet meer leeft met wie ze zonder iets te hoeven uitleggen de moeilijke momenten van het herinneren kon delen.

Ik besef dat ik mijn hele schrijfcarrière min of meer aan hun traumatische geschiedenis heb gewijd omdat ik er sinds mijn geboorte mee geconfronteerd ben, ook al hebben ze er vooral veel over gezwegen. Hun gedrag, hun angsten, de wijze waarop ze ons hebben opgevoed, lag besloten in die zwarte tijden. Het koloniale verleden speelde ook na de dekolonisatie nog een rol en hun onverwerkt leed als gevolg van de oorlog en de wrede gebeurtenissen tijdens de strijd om onafhankelijkheid in hun geboorteland was altijd voelbaar, al wisten wij als kind nog niet waar die onderhuidse spanning op terug te voeren was. Ze voelden zich miskend in wat zij hadden meegemaakt omdat er in de media zo zelden aandacht was voor hun persoonlijk verdriet. Pas toen ik op eigen houtje ging onderzoeken waar mijn ouders vandaan kwamen ontdekte ik wat er schuilging achter hun stoicijns gezicht. Toen pas heb ik begrepen waarom Indische mensen zoals mijn ouders en grootouders het liefste alleen maar dansen. Dansen op ‘evergreens’ om te vergeten.

Toen de uitnodiging voor het boekenbal kwam, was alles goud wat er blonk. In het goudkleurige doosje, gedecoreerd met allerlei soorten witte schepen zitten zwarte mini verrekijkers. Een wit zeilschip op het goudkleurige toegangskaartje verwijst zonder woorden naar de Hollandse ondernemingslust, de koloniale uitbreidingsdrang en het VOC.

Het wordt een feestje en dan moet je niet zwartkijken, maar ik heb nog altijd moeite met ‘Gouden tijden, zwarte bladzijden’. Ik denk toch echt dat het ‘Zwarte tijden voor gouden bladzijden’ had moeten zijn. Maar wie ben ik?
En nu pas dringt de voor vrouwen pregnante vraag zich aan mij op: wat moet ik aantrekken?
Een goudkleurige jurk, iets van brokaat, of een zwarte bescheiden jurk, zoiets als je aantrekt bij begrafenissen? In verband met de crisis en het trieste feit dat mensen steeds minder lezen, heb ik besloten dat ik weer niets nieuws zal kopen. In de afgelopen jaren heb ik altijd een oude jurk aangetrokken en op mijn leeftijd wordt dat door niemand opgemerkt. In de kast zal ik zoeken naar een tijdloos zwart ontwerp, dat niet zal verraden dat ik niet meer zo strak in het vel zit als bij mijn allereerste boekenbal. Maar wat voor tijden ook, ik wil wel de hele nacht swingen.

@Marion Bloem

Amsterdam 2013

Marion Bloem (1952, Arnhem) is de tweede dochter van Indische ouders, die in december 1950 met de boot naar Nederland kwamen. Marion ziet literatuur als haar echtgenoot, film als haar beste vriend, en de beeldende kunst als haar minnaar. Op dit moment is er een expositie van haar beeldende kunst  in de artotheek van Roosendaal en op 21 maart geeft zij lezing in de theaterzaal van de bibliotheek van Roosendaal in samenwerking met boekhandel Het Verboden Rijk.

Damespraatjes is heel blij met het blog dat Marion speciaal voor Damespraatjes heeft geschreven.

Meer info over Marion Bloem en haar werk: www.marionbloem.nl

Of volg Marion Bloem op Facebook

 

 


Reageer ook