Beslissingen nemen. Voor sommige mensen is het iets wat ze gedachteloos doen. Voor Véronique is het inmiddels het onderwerp van eindeloze gesprekken – en frustraties – binnen haar huwelijk. “Als ik één ding zou mogen veranderen aan mijn man, dan is het dat hij gewoon eens een keer zélf iets beslist.” Véronique is 38, moeder van twee kinderen en al twaalf jaar samen met Mark. “Mark is lief, zorgzaam, betrokken bij de kinderen. Echt, ik mag niet klagen. Maar hij kan dus werkelijk geen knoop doorhakken. Over niks.”
Zeg jij het maar
Het begon met kleine dingen. Of eigenlijk: het viel haar toen nog niet eens zo op. “Dan vroeg ik wat hij wilde eten. Kreeg ik: ‘Maakt mij niet uit, kies jij maar.’ Prima, dacht ik. Dan kies ik wel.” Maar na jaren van steeds degene zijn die kiest, begint het te wringen. “Ik kies het restaurant, de film, de camping, de kleur van de muur, het cadeau voor zijn moeder. Alles.” Zelfs bij dingen die over hem gaan. “Dan zeg ik: welke schoenen wil je? Antwoord: ‘Wat jij mooi vindt.’ Maar ík hoef ze niet aan!”
Het verkeerde kiezen
Wat het extra ingewikkeld maakt, is dat Mark achteraf soms tóch een mening blijkt te hebben. “Dan zitten we in een restaurant dat ik heb uitgezocht en dan zegt hij: ‘Oh, ik had eigenlijk meer zin in Italiaans.’” Véronique: “Ja hallo! Dat had je ook eerder kunnen zeggen.” Ze merkt dat ze daar steeds geïrriteerder van raakt. “Ik voel me dan verantwoordelijk. Alsof ik het fout heb gedaan. Terwijl hij zelf geen input geeft.”
Van vakanties tot verbouwingen
Niet alleen de dagelijkse dingen zorgen voor spanning. Ook grotere beslissingen komen volledig bij haar terecht. “Toen we een nieuwe auto nodig hadden, heb ik alles uitgezocht. Modellen vergelijken, proefritten plannen, financiën checken. Mark ging mee, knikte overal bij en zei: ‘Wat jij denkt dat goed is.’” Op het moment dat de handtekening moest worden gezet, sloeg de twijfel toe. “Ineens wist hij het niet meer. Misschien toch een ander model? Misschien wachten? Ik stond daar echt met mijn oren te klapperen.” Uiteindelijk kochten ze de auto alsnog. “Maar het gevoel dat ik hem ergens in had geduwd, bleef hangen. Terwijl hij me nooit tegenhield.”
Jij bent daar beter in
Als Véronique het onderwerp aankaart, reageert Mark steevast hetzelfde. “Hij zegt dat ik er gewoon beter in ben. Dat ik sneller overzicht heb, makkelijker knopen doorhak.” In het begin vond ze dat nog een compliment. “Nu voelt het als een last. Alsof alle verantwoordelijkheid automatisch naar mij doorschuift.” Ze verlangt ernaar dat iemand haar af en toe ontlast. “Dat hij zegt: schat, ik regel dit.”
Zelfs bij de kinderen
Wat haar misschien nog wel het meest raakt, is dat het ook bij de opvoeding gebeurt. “Mag onze dochter op hockey? Welke middelbare school gaan we straks bekijken? Hoe pakken we dat schermgebruik aan?” Mark luistert, denkt mee, maar eindigt altijd met: “Wat vind jij?” Véronique: “Ja, dat wéét je inmiddels wel. Maar ik wil weten wat jíj vindt.”
De druppel
Laatst barstte de bom om iets ogenschijnlijk kleins. “We wilden een weekendje weg boeken. Ik had drie opties doorgestuurd en vroeg welke zijn voorkeur had.” Drie dagen bleef het stil. Toen ze hem ernaar vroeg, haalde hij zijn schouders op. “Ik vertrouw op jouw keuze.” Iets knapte. “Ik zei: ik wil helemaal niet dat je me vertrouwt. Ik wil dat je me helpt.”
Ruzie om niks – of toch niet?
Mark snapte haar uitbarsting niet goed. “Hij vond dat ik een probleem maakte van iets wat juist makkelijk was. Hij deed toch niet moeilijk?” Maar voor Véronique gaat het niet om makkelijk. “Het gaat om samen. Om het gevoel dat je een team bent.” Nu voelt ze zich soms meer projectleider dan partner. “Alsof ik alles moet managen.”
Bang om het fout te doen
In gesprekken met vriendinnen hoort ze dat meer mannen moeite hebben met beslissen. “Sommigen zijn bang om de verkeerde keuze te maken. Dat herken ik bij Mark ook wel.” Hij kan lang blijven wikken en wegen. “En als hij dan eindelijk iets zegt, voegt hij er meteen aan toe: ‘Maar als jij iets anders wil, is dat ook goed.’” Daarmee is de beslissing alsnog terug bij haar.
Wat wil ík eigenlijk?
Het gekke is: Véronique begint zelf ook te twijfelen. “Misschien neem ik te veel over. Misschien moet ik hem dwingen om te kiezen.” Maar hoe doe je dat, zonder dat het kinderachtig wordt? “Ik kan moeilijk zeggen: ik boek pas als jij iets zegt.” Toch voelt ze dat er iets moet veranderen. “Want ik merk dat mijn irritatie groter wordt dan nodig is.”
Gewoon naast me staan
Wat ze het liefste wil? “Dat hij naast me staat. Dat hij verantwoordelijkheid voelt. Dat hij soms zegt: dit gaan we doen.” Niet omdat hij het beter weet, maar omdat hij meedoet. Véronique zucht. “Ik hou van die man. Echt waar. Maar soms zou ik willen dat hij me verrast met een beslissing, in plaats van met nóg een ‘zeg jij het maar’.” Want hoe klein de keuze ook lijkt, voor haar is het verschil enorm. “Dan voel ik me geen manager meer, maar gewoon zijn vrouw.”
Afbeelding: Freepik
