Een avondje uit met haar goede vriend Joeri zou voor Uraya ontspanning moeten zijn. Samen uit eten, naar de bioscoop of een voorstelling bezoeken: het zijn momenten waarop ze gezellig kunnen bijkletsen en tijd voor elkaar hebben. Toch loopt zo’n avond regelmatig anders dan ze had gehoopt. “Joeri kent ontzettend veel mensen. Het maakt eigenlijk niet uit waar we zijn, de kans is groot dat hij wel iemand tegenkomt.” Op zichzelf vindt Uraya dat helemaal niet erg. “Natuurlijk zeg je even gedag als je een bekende ziet. Dat doe ik zelf ook. Een kort praatje hoort erbij.” Maar volgens haar blijft het daar zelden bij.
Voor ik het weet, sta ik er een kwartier bij
“Wat begint met een begroeting, eindigt vaak in een uitgebreid gesprek. Dan sta ik er een kwartier of soms nog langer een beetje ongemakkelijk naast.” Uraya kent de mensen meestal niet. “Ze praten over gezamenlijke kennissen, vakanties of dingen die ze samen hebben meegemaakt. Ik kan nergens over meepraten en voel me eigenlijk een beetje een figurant.” Ze probeert zich er niet aan te ergeren. “Ik kijk dan maar wat om me heen of pak mijn telefoon erbij, maar gezellig is anders.”
Nog vervelender
Soms gebeurt er iets wat ze nóg lastiger vindt. “Dan nodigt Joeri diegene gewoon uit om bij ons aan tafel te komen zitten of mee een drankje te drinken.” Volgens Uraya gebeurt dat heel spontaan. “Hij vraagt niet eens of ik dat goed vind. Ineens zit er iemand bij die ik nog nooit heb ontmoet.” Ze begrijpt dat Joeri sociaal is. “Dat is ook een van de redenen waarom ik hem zo leuk vind als vriend. Hij maakt makkelijk contact en iedereen lijkt hem aardig te vinden.” Toch voelt het voor haar niet prettig. “Ik had met hém afgesproken. Niet met iemand die toevallig langskomt.”
Samen uit, samen thuis
Voor Uraya is de afspraak duidelijk. “Als ik met iemand afspreek, dan spreek ik met die persoon af. Dat is voor mij de hele bedoeling van de avond.” Ze noemt het een kwestie van aandacht. “Ik reserveer tijd voor iemand omdat ik hem wil zien en spreken. Dan verwacht ik eigenlijk hetzelfde terug.” Dat betekent niet dat Joeri geen bekenden mag begroeten. “Integendeel. Ik zou het juist raar vinden als hij iemand compleet negeert.” Maar volgens haar zit er een verschil tussen even gedag zeggen en een compleet nieuw gezelschap creëren. “Als je halverwege de avond ineens extra mensen uitnodigt, verandert de hele dynamiek.”
Twijfel aan zichzelf
Toch vraagt Uraya zich af of zij misschien te streng is. “Misschien ben ik wel ouderwets.” Ze ziet hoe ontspannen Joeri ermee omgaat. “Voor hem is het heel normaal. Hij vindt het juist gezellig als mensen aansluiten.” Zelf ervaart ze dat anders. “Ik heb daar helemaal niet om gevraagd. Soms heb ik juist behoefte aan een rustig gesprek met z’n tweeën.” Ze merkt dat ze zich schuldig voelt over haar irritatie. “Dan denk ik: stel je niet aan. Hij bedoelt het helemaal niet verkeerd.” Maar het gevoel blijft terugkomen.
Wanneer wordt het onbeleefd?
Wat Uraya vooral bezighoudt, is de vraag waar de grens ligt. “Hoe lang is het eigenlijk normaal om met een bekende te praten als je met iemand anders op stap bent?” Een minuut of twee vindt ze logisch. “Je vraagt hoe het gaat, wenst elkaar een fijne avond en loopt weer verder.” Maar als een gesprek steeds langer duurt, voelt dat voor haar anders. “Dan laat je degene met wie je bent eigenlijk wachten.” Nog lastiger vindt ze het wanneer Joeri volledig opgaat in het gesprek. “Dan heb ik soms het idee dat hij even vergeet dat ik er ook nog ben.”
Zeg ik er iets van?
Tot nu toe heeft Uraya haar ergernis nooit uitgesproken. “Ik wil niet overkomen als iemand die hem claimt.” Ze gunt Joeri zijn sociale karakter. “Ik zou het verschrikkelijk vinden als hij denkt dat hij niemand meer mag aanspreken als hij met mij is.” Toch merkt ze dat de irritatie zich opstapelt. “Na afloop van zo’n avond denk ik soms: waarom hebben we eigenlijk afgesproken als we de helft van de tijd met anderen bezig zijn?” Ze vraagt zich af of ze het onderwerp voorzichtig moet aansnijden. “Misschien heeft Joeri helemaal niet door dat ik me buitengesloten voel.”
Ben ik te bezitterig?
Het is de vraag die steeds door haar hoofd blijft spelen. “Ben ik te bezitterig? Verwacht ik te veel aandacht?” Aan de andere kant vindt ze het ook een kwestie van respect. “Als ik met iemand afspreek, krijgt die persoon mijn aandacht. Natuurlijk maak ik best een praatje met een bekende, maar daarna ga ik weer terug naar degene met wie ik ben.” Voor haar is dat niet meer dan normaal. “Ik zou nooit zomaar iemand uitnodigen om bij ons aan tafel te komen zitten zonder eerst even te vragen of de ander dat ook leuk vindt.”
Ze beseft dat mensen hierin verschillen. “De één vindt het juist gezellig als een groep spontaan groter wordt. De ander heeft bewust afgesproken om tijd met één persoon door te brengen.” Zelf hoort ze duidelijk bij die laatste groep. “Ik gun Joeri zijn spontaniteit echt wel. Maar ik hoop ook dat hij begrijpt dat ik soms gewoon een avond met hem wil hebben. Zonder onverwachte gasten en zonder het gevoel dat ik op de tweede plaats kom.”
Afbeelding: shahin khalaji via Unsplash
