Jannie, 70 jaar, heeft drie kleinkinderen: Boas van tien, Senna van veertien en Danique van achttien jaar. Danique is haar eerste kleinkind en altijd haar ‘speciale meisje’ geweest. Ze was erbij toen Danique werd geboren, paste vaak op toen ze klein was en ging met haar op vakantie. Maar sinds Danique ouder is, lijkt de band te veranderen. “Ze kijkt steeds minder naar mij om,” zegt Jannie. “En ergens snap ik het wel: ze is bezig haar eigen leven op te bouwen. Maar dat betekent niet dat ik het makkelijk vind.”
Loskomen
Haar dochter, de moeder van Danique, legt het haar uit: dit is een fase. “Ze zei: ‘Mam, Danique is bezig met het loskomen van ons. Dat hoort erbij, dat deed jij vroeger ook.’ En dat klopt. Toen mijn eigen kinderen jong waren, vond ik het ook moeilijk om ze los te laten. Maar ik wist dat het belangrijk was. Alleen… ik maak me zorgen over de manier waarop Danique nu haar leven inricht.”
Geen zin in studie
Toen Danique haar eindexamen had gehaald, had Jannie verwacht dat ze zou gaan studeren. “Ze is slim, ze kan goed leren. Maar ze had daar geen zin in. Ze wilde liever gaan werken. Ik dacht: nou ja, misschien vindt ze een baan waar ze gelukkig van wordt. Maar daar lijkt het totaal niet op.” Danique werkt sinds een paar maanden in een kledingwinkel, maar klaagt volgens Jannie “steen en been” over haar werk. “Elke keer als ik haar zie, begint ze: dat ze haar collega’s niet mag, dat de baas zeurt, dat klanten lastig zijn. Het houdt niet op.”
Bezoekje aan de winkel
Een paar weken geleden besloot Jannie Danique te verrassen door haar op te zoeken tijdens werktijd. “Ik dacht: leuk, even kijken hoe ze het doet. Maar toen ik de winkel in kwam, zat ze in een hoekje op haar telefoon. Er waren klanten binnen, maar die werden gewoon genegeerd. Er was geen ‘goedemiddag’, geen glimlach. Ze keek pas op toen ik vlak naast haar stond.” Jannie schrok ervan. “Zo ken ik haar helemaal niet. Vroeger was ze altijd enthousiast, deed ze overal haar best voor. Nu leek ze er gewoon geen zin in te hebben. En dat terwijl ze onder haar niveau werkt. Ze kan zoveel meer.”
Niet mijn plek?
Toch twijfelt Jannie of ze dit aan Danique moet zeggen. “Aan de ene kant wil ik haar wakker schudden: ‘Meid, dit is geen manier om vooruit te komen. Ga studeren, ontwikkel jezelf, maak iets van je leven.’ Aan de andere kant denk ik: wie ben ik om me hiermee te bemoeien? Het is haar keuze. Maar ik ben bang dat ze over een paar jaar spijt heeft dat ze nu geen opleiding volgt.”
Altijd klaarstaan
Wat het extra lastig maakt, is dat Jannie altijd veel voor Danique heeft gedaan. “Ik paste op, ging met haar shoppen, nam haar mee naar het zwembad. Ze kon altijd bij mij terecht. Daarom voelt het nu ook zo vreemd dat ze weinig contact zoekt. Ik weet dat dat bij deze leeftijd hoort, maar ik voel me toch wat buitengesloten.”
Gesprek met haar dochter
Onlangs sprak Jannie erover met haar dochter. “Zij zei dat ik het moet laten rusten. ‘Mam, als je erover begint, gaat ze juist in de weerstand. Geef haar ruimte, dan komt ze vanzelf weer naar je toe.’ Dat klinkt logisch, maar ik vind het moeilijk. Ik wil juist helpen, zorgen dat ze op het goede pad blijft. Dat is misschien mijn oma-instinct.”
Andere tijden
Jannie denkt ook dat de werkmentaliteit bij jongeren nu anders is dan vroeger. “In mijn tijd was het simpel: je deed je best, punt. Je kwam op tijd, je was beleefd tegen klanten, en je klaagde niet. Tegenwoordig lijkt dat minder vanzelfsprekend. Ik wil niet zeggen dat alle jongeren zo zijn, maar ik merk dat veel van hen minder gemotiveerd lijken. Misschien komt dat omdat ze weten dat er altijd wel een andere baan is.”
Bang voor een verkeerde start
Wat Jannie het meest vreest, is dat Danique door deze houding kansen mist. “Als je jong bent, denk je dat je alle tijd hebt. Maar een slechte start op de arbeidsmarkt kan je lang achtervolgen. En als je gewend raakt aan onder je niveau werken, is de stap omhoog alleen maar moeilijker.”
Niets zeggen
Toch houdt Jannie voorlopig haar mond. “Ik weet dat als ik er nu iets over zeg, het misschien alleen maar erger wordt. Dan denkt ze dat ik haar veroordeel of dat ik haar niet goed genoeg vind. Terwijl dat niet zo is. Ik wil gewoon dat ze gelukkig wordt en iets doet waar ze trots op kan zijn.”
Stiekem hopen
Ondertussen hoopt Jannie dat Danique uit zichzelf de knop omdraait. “Misschien gaat ze op een dag toch studeren, of vindt ze een baan die echt bij haar past. Of misschien leert ze gaandeweg dat ze meer inzet moet tonen. Ik hoop het. En tot die tijd probeer ik vooral oma te zijn, zonder te veel commentaar te geven.”
Oma’s dilemma
Het blijft een lastige balans: betrokken zijn, maar niet bemoeizuchtig. “Ik wil er voor haar zijn, net als vroeger. Maar ik moet accepteren dat ze nu haar eigen weg gaat, ook al vind ik die weg niet de beste keuze. Soms is het lastig om te zien dat iemand van wie je houdt, in jouw ogen verkeerde beslissingen neemt. Maar misschien moet ik erop vertrouwen dat ze haar eigen lessen leert – net zoals ik dat vroeger deed.”
Afbeelding: Freepik



Joris -
Ze doet ongeschoold werk en guess what: met alleen een middelbareschooldiploma bén je ook ongeschoold (in deze context – je kunt vrij weinig bijzonders).