Damespraatjes Damespraatjes

Annet heeft telefoonangst: “Regelmatig vraag ik mijn kinderen om voor mij te bellen”

Spinnen, kleine ruimtes, de dood of het donker: eigenlijk iedereen is wel ergens (een beetje) bang voor. Met angst is niks mis, mits het je leven niet volledig beheerst, zoals bij de 47-jarige Annet. Ze heeft extreme telefoonangst en durft eigenlijk geen onbekenden te bellen. Hier ondervindt ze steeds meer last van en daarom wil ze graag haar verhaal doen.

Laag zelfbeeld

Als kind is Annet al erg onzeker. “Ik ben altijd wat te zwaar geweest en als kind werd ik hier flink mee gepest. Altijd voelde ik me minder dan anderen, terwijl ik een heel slim kind was. Mijn zelfbeeld was laag en ik praatte mezelf vaak de put in. Dit lage zelfbeeld is nooit verdwenen, zelfs niet toen ik cum-laude mijn bul haalde en op eigen kracht 30 kilo afviel.”

Extreme telefoonangst

Annet heeft een goede baan als jurist, is gelukkig getrouwd met Bas en heeft een tweeling van 13 jaar oud. “Buitenstaanders zullen denken dat ik alles heb. En ja: op een bepaalde manier heb ik dat natuurlijk ook. We hoeven ons nooit zorgen te maken over geld, ik heb een heerlijk huwelijk en onze kinderen zijn gezond en gelukkig. En toch is er iets wat mijn hele leven beheerst: ik heb extreme telefoonangst.”

Hulp van secretaresse

Tijdens haar eerste stage bij een advocatenkantoor, kreeg Annet voor het eerst last van telefoonangst. “Ik moest in die tijd heel veel bellen. Met cliënten, andere advocaten en diverse andere partijen. Ik weet nog goed dat de secretaresse mij bij elk telefoontje hielp. ‘Het is een kwestie van gewoon vaak doen’, zei ze dan. We zijn nu ruim 20 jaar verder, maar ik vind het nog steeds doodeng om de telefoon op te pakken.”

To the point

Waar Annet in het begin vooral telefoontjes op professioneel gebied eng vindt, verschuift dat later naar telefoontjes in haar privéleven. “In mijn werk leerde ik goed met het bellen om te gaan. Ik leerde mezelf aan gesprekken goed voor te bereiden en op de hoogte te zijn van hetgeen wat besproken moest worden. Ook schrijf ik eventuele vragen vooraf op, zodat ik makkelijk to the point kan komen. Mailen zal altijd mijn voorkeur hebben, maar bellen voor werk lukt me inmiddels aardig.”

Kinderen bellen

De angst speelt vooral op wanneer Annet onverwachts iemand moet bellen. “Als er wat geregeld moet worden voor de kinderen, wanneer ik een niet-kloppende rekening op de mat vind of wanneer een juf mij vroeger vroeg ‘even iets na te bellen’. Hartkloppingen, zwetende oksels en trillende handen krijg ik ervan. Telefoongesprekken probeer ik dan ook altijd te vermijden of zo ver mogelijk voor mij uit te schuiven. Regelmatig vraag ik mijn kinderen om voor mij te bellen, die hebben er helemaal geen moeite mee.”

Uitstellen

In Annets omgeving weten de meeste mensen dat ze het niet fijn vindt om te bellen. “Zo vraag ik het de kinderen om zelf school te bellen als er iets onduidelijk is en maakt mijn man altijd de telefonische restaurantreserveringen. Toch kan ik er soms echt niet onderuit, bijvoorbeeld laatst toen we ineens hele erge lekkage hadden en ik een dakdekker moest bellen. Dit zijn telefoontjes die ik niet kan uitstellen en ook niet urenlang kan voorbereiden.”

Face-to-face

Waar de telefoonangst vandaan komt, weet Annet niet goed. “Ik vermoed dat het toch een soort onzekerheid is. De onzekerheid dat ik niet goed uit mijn woorden kom, iemand lastigval of verkeerde dingen zeg. Het gekke is dat ik hier face-to-face weinig last van heb.”

Op respectvolle wijze meepraten over dit verhaal? Dat kan in de reacties onder dit artikel. Vinden we gezellig!


Reageer ook