Winter. Ongekend prettig. Warm verhaal door Giselle Ecury

winterse_duinen_schoorl.jpg
Het is koud in Nederland. Vorig jaar omstreeks deze tijd ook. De afgelopen kerstvakanties konden de kinderen naar hartenlust dicht bij huis wintersporten. Enige jaren geleden kon je in december nog de rozen zien bloeien. En als vroeg in februari de vogels zongen uit een diepe hang naar nesteldrang, zag je daarin de bevestiging, dat het klimaat dramatisch aan het veranderen was. In de toekomst zouden de seizoenen geleidelijk in elkaar overlopen, zonder noemenswaardige verschillen in temperatuur.

Toch lag er af en toe flink wat sneeuw in de zachte winters van deze nieuwe eeuw. Zelfs bij ons, aan de kust, ondanks de opgewarmde zee. Schaatsen op natuurijs werd inderdaad een uitzondering. Tot vorig jaar. En ook nu is onverwacht vlak voor kerstmis het kwik gedaald. Alsof ik een vooruitziende blik had, klopte het kerstverhaal, dat ik voor Damespraatjes ruim tevoren schreef, als een bus. Sneeuw in de kerstnacht. Het kon niet mooier. Zou het gedaan zijn met de milde winters?

    Schoorl verandert in een soort skioord, zodra de eerste vlokken vallen. Met overal op de achtergrond de hoogste en breedste duinen van Nederland, die begroeid zijn met voornamelijk dennenbomen, waan je je in een bergachtig gebied. Als die met een dikke laag bepoederd zijn, is het plaatje helemaal af. Klein Oostenrijk. Zelfs langlaufers worden gesignaleerd en een enkele skiër. En vooral heel veel kinderen op de slee en ouders die hen voorttrekken. Daar, waar de begroeiing gering is en de heuvels steiler zijn, klimt men met de benodigde attributen naar boven om gauw weer naar beneden te roetsjen. Het ultieme plezier. Waar normaal gesproken stilte heerst, hoor je nu gejoel en gelach. Volwassenen sjezen naar beneden met voorop een kind. Of zonder kind. Alleen. Want uit jeugdsentiment moet je “het” echt ook nog eens zelf doen. Die sensatie van het gekraak van de sneeuw onder de ijzers van de glijdende slee, het gehobbel als je naar beneden suist, de wind om je hoofd. De frisse kou. De snelheid, die je voelt tot diep in je buik. Je moet het wel uitschreeuwen en soms is dat ongekend prettig!

    Bijna van nature weet elk kind hoe een sneeuwpop te maken. Om nog maar te zwijgen over de sneeuwballengevechten die in iedere woonwijk wel ergens spontaan ontstaan.

     Prachtig, dat deze winterse tradities onveranderd blijven! Als Arubaantje was ik al ruim zeven toen ik voor het eerst met deze tradities kennis maakte. Voor degenen onder u, die het van kindsbeen af beleefden, maar het daarbij hielden, zal ik het geheugen nog verder opfrissen. Muts op, wanten aan en gáán!

    Het maken van een glijbaan. Je rent een stukje, zet je voeten overdwars naast elkaar en je laat je gaan. Dan is de volgende. Hoe gladder de opeen gepakte sneeuw is, des te verder kom je. En glimmen dat het doet!

    In verse sneeuw kun je je achterover laten vallen met gespreide armen. Die beweeg je telkens een stukje hoger, terwijl je blijft liggen. Voorzichtig sta je op en op de grond zie je de afdruk van een engel met vleugels. Het is echt 2010 geworden. Veel geluk, plezier en voorspoed toegewenst! Bijna woon ik 50 jaar in Nederland. Daags na Nieuwjaarsdag doe ik de gordijnen open. Het heeft flink gesneeuwd en wat nog mooier is: de lucht is strakblauw. De zon schijnt. Het kind in me ontwaakt. Ik weet niet hoe snel ik me warm aan moet kleden. Het ontbijt sla ik over. Ik wil in het duingebied zijn, nu het er nog stil is. Samen met de hond wandel ik door winters Schoorl. Maagdelijk wit is deze wereld, die flonkert en zich op zijn allermooist toont. Opeens weet ik zeker, dat ik niet meer wil wonen op de Antillen. Geen twijfel meer. Dit zou ik nóóit willen missen. Die schoonheid. De sensatie van het lopen door die blanke massa, die knispert onder je voeten. Elk ander geluid wordt geabsorbeerd. De lauwwarme zon op je gezicht. Wegen bewandelen, waar nog niemand voor jou liep. In dat heel grote bosgebied kom ik gedurende twee uur misschien drie mensen tegen. De hond rolt zich om in de sneeuw, heft haar snuit bepoederd naar me op.

    De wijzers van de klok lopen met ons mee. Ik nader de bewoonde wereld. Gejoel, gelach. Ouders met kinderen zijn massaal aan het sleeën. Iedereen is aardig.

    ‘Wil je ook een keer en mag ik dan jouw hond vasthouden?’ vraagt een meisje aan me, als ik haar aanmoedig.
    ‘Natuurlijk!’ Wat een goede deal. Dit is mijn kans. Ik schreeuw het uit, wanneer ik in volle vaart naar beneden sjees. Daar kan geen Caribische Zee tegenop, geen waterskiën, zeilen, zwemmen, geen koraalzand. Niets. Dit is ongekend prettig. Ik kijk om me heen. Word ik gezien? Nee. Mooi. Dan laat ik me achterover vallen op het effen sneeuwvlak. Ik sta op. Waarachtig. Een engel blijft achter. Ik fluit de hond. We hebben nog een lange weg te gaan.

     Gisteren sneeuwde het uren. Het is spiegelglad. Met de mensen die buiten de deur werken, heb ik heus medelijden. Files, lange wachttijden op de perrons. Rijden de bussen op tijd? Vandaag probeerde ik zelf glibberend door Alkmaar gehaast lijn 151 te halen en gleed ik uit, voor het station. Languit. Au! Men zegt, dat de kou zal aanhouden. Valt het dan mee met die klimaatsverandering? Ik hoop het. Ik houd van de winter. Vanochtend in het sprookjesbos was het weer ongekend prettig!

Giselle Ecury schrijft proza en poëzie. Vanuit Nederland levert ze af en toe artikelen aan voor het Antilliaans Dagblad op Curaçao. In samenwerking met bruidsparen maakt ze een persoonlijke trouwceremonie, die ze presenteert op de trouwdag. Ook geeft Giselle over allerlei onderwerpen lezingen. Meer informatie? Zie www.sfeervoltrouwen.nl
Haar meest recente boek heet Glas in lood. Lees nu Kerensa´s recensie voor Damespraatjes.


Reageer ook