Kim is dol op het strand, maar haar man Peter haat zand en hitte

 Als de lente in aantocht is, voelt Kim de belofte van de zomer in de lucht hangen. “Ik ruik dan de zonnebrandcrème, voel het zomerbriesje, hoor het ruisen van de zee en voel de warme zonnestralen op mijn lijf. Ik ben dol op het strand, altijd al geweest.” Hoe vervelend is het dan dat Peter, de man van Kim, een hekel heeft aan het strand.

Ze kan niet wachten op de zomerse dagen die in aantocht zijn. Het liefst de tropische, dat heel Nederland loom en lamgeslagen verkoeling zoekt. “Mensen zijn zoveel aangenamer als het mooi weer is. Ze zijn vrolijker, maken makkelijker een praatje en kunnen veel meer hebben.” Als kind al kwam Kim graag op het strand. Ook in de winter ging ze regelmatig met haar ouders en zus naar de kust. Een uur lang stevig ploegen door het mulle zand om daarna op te warmen met een warme chocomelk met slagroom. Kim glimlacht. “Ik word rustig van de zee, het water geeft en het water neemt. Een paar jaar terug woonde ik in een badplaats en kwam ik er bijna dagelijks. Keek ik terwijl ik lekker beschut in een duinpan zat, naar de golven. Ik mediteerde er, kwam tot rust en deed er nieuwe energie op.”

Hij haat al dat zand
Haar vorige vriend was ook dol op de zee, maar Peter vindt het maar niks. Hij haat al dat zand, hij vindt het veel te heet en het zoute water te koud om af te koelen. “Bovendien verveelt hij zich te pletter. In het begin ging hij mee om mij een plezier te doen. Ik vond dat ware liefde en hoopte stiekem dat hij het met mij erbij wel heel leuk zou vinden. Niets is minder waar.” Hij is als de dood dat hij verbrandt en smeert zich de hele dag in. Narrig wordt hij dan als er zand aan zijn handen zit en hij de zonnebrandcrème over zijn lijf uitsmeert. Hij wordt chagrijnig als kinderen aan het beachvolleyballen zijn en de bal steeds zijn kant oprolt. Kim wordt er gek van. “Ik zei: ik wil niet meer dat je met me meegaat naar het strand, ik ga wel lekker met de kinderen maar jij blijft maar mooi thuis.”

Blowende hippies
Dat probleem is opgelost, maar er blijft een levensgroot probleem over: de vakanties. Kim wil zo graag een keer met het gezin naar Ibiza. “Als ik daarover lees, krijg ik een kriebel in mijn buik en voel ik aan alles dat ik daar thuis hoor, dat ik me op dat eiland heerlijk voel.” Maar Peter is er met geen tien paarden naar toe te krijgen. “Je denkt toch niet dat ik me laat verbranden tussen al die blowende hippies op dat eiland?” snauwde hij laatst toen Kim het hem voorstelde. Turkije dan? “Vond ie misschien nog wel erger. Dat gekruide eten stond hem niet aan, en het strand al helemaal niet. En ik hoef heus niet de hele dag op het strand te bakken, maar wil wel in de buurt van de zee zijn.”

Lekker wandelen in Duitsland
Elk jaar tijdens het plannen van de zomervakantie legt Kim het loodje en zit ze met Peter en de kinderen in de auto op weg naar Duitsland. “Lekker wandelen in het bos, dat is wat Peter wil, terwijl de kinderen en ik liever naar de kust gaan. Maar het is onbespreekbaar. ‘Ik werk het hele jaar keihard en wil drie weken even doen wat ik wil’ zegt Peter dan. Tja, wat moet ik daarop antwoorden? Er is niet genoeg geld om zelf op vakantie te gaan, dus ik moet me schikken. Maar ik baal er zo verschrikkelijk van en soms twijfel ik of Peter wel de juiste man voor mij is.”


Reageer ook