Ciao buurman deel 7: op rolletjes

ciao_buurman_deel_7.jpg
David: “Als er iets minder in Italië is dan in Nederland, dan is dat de school. In Italië gaat alles volgens strikte regels en moet je heel veel uit je hoofd leren. In Nederland hebben ze veel meer plezier op school. Ik ben daar ooit een paar dagen geweest en vond de Nederlandse school een feest in vergelijking met de onze. Wij hebben op school geen feesten, zeker niet als je ouder wordt. Voorheen vierden we nog wel kerst of carnaval, maar nu we ouder zijn, gaat het alleen om leren. Hoewel zelfs dat slecht georganiseerd is. Lessen gaan niet door, leraren verdwijnen, het is een troep eigenlijk. Nederland heeft het onderwijs veel beter georganiseerd en ik heb vaak gedacht dat ik liever daar op school was geweest. Nu niet meer, want ik zit op een kunstacademie en dat hoort zo bij mij dat ik me geen betere opleiding kan wensen. Als we op zaterdag praktijk hebben, dan leef ik daar de hele week naartoe en ben ik de laatste die het lokaal verlaat, want eigenlijk wil ik dit nog afmaken en het liefst ook nog met iets anders doorgaan. Nu zit ik goed, maar qua leervakken vind ik Italië heel ouderwets. Uit je hoofd leren of je het nu snapt of niet, daarmee verdien je punten.”
 
 
Het liep allemaal zo op rolletjes, dat ik terecht begon te vrezen dat we er sociaal gezien juist weleens konden uitrollen. Uit het schoolsysteem bedoel ik. Zonder enige poespas werd Marije van acht binnengehaald met stip op de plaatselijke plattelandseducatie, derde klas. Even een formuliertje invullen, doktersverklaring, geboortebewijs en het dametje was niet alleen medisch maar ook menselijk goedgekeurd voor het onderricht in leven en laten leven.
Certificaat

Na een aantal weken van geluidloos meedraaien met klasgenootjes die ze niet verstaat maar wel begrijpt, word ik op het hoofdkantoor ontboden. Het gaat allemaal zo gemakkelijk dat het klavertje vier van uitgezakte secretaresses achter de verveloze bureautjes heeft bedacht dat er iets niet in orde bevonden moet worden. De oudste grijnst van onder haar kleffe haarpieken: ‘Wij hebben geen enkel bewijs dat uw Maria – de ij krijgen ze niet over hun tong – in Nederland van de eerste naar de tweede klas is overgegaan. Wij eisen een certificaat.’

Of ik al even vals lachend ten antwoord geef, dat geen moeder in heel Europa haar kind in een ander land een klas te hoog plaatst, de drang tot kleineren wordt niet minder. Er zullen officiële vergulde letters, liefst uit lederen foedralen, gepresenteerd moeten worden om te overtuigen. En vooral  om mij aan het werk te zetten.

Die arbeid begint een uurtje later bij mij in de stal, een zwijnenstal inderdaad. Want waar vind je temidden van honderd opgestapelde dozen de rapportboekjes van een jaar geleden? Het dochtertje om wie het allemaal draait, blaast in mijn nek ter aanmoediging: ‘Jij vindt altijd alles hè mam; jij geeft nooit op.’

Tegen de tijd dat de zwijnen verderop waaks worden, middernacht dus, verschijn ik weer ten tonele, roepend  ‘Ik heb ze’, als een goochelaar die allang niet meer in zijn truc gelooft. Afijn, uit de rapportboekjes valt van alles op te maken. Oefeningen, redelijke cijfers en tenslotte dat ene zinnetje van meester Achterbeek: “Veel succes in groep vier”. Die paar woordjes zullen een eigen leven gaan leiden, in alle mogelijke talen met liefst steeds meer verschillende interpretaties. Zoiets voel je op je Hollandse klompen aan.

Te simpel

Na mijn wat zweterige uitleg in het kantoortje, met de verlepte vrouwelijke klavertjes in een clustertje om me heen, lijkt men te vatten dat groep twee gelijk is aan klas nul in Italië, zodat dus ‘veel succes in groep vier’, even doortellend, betekent dat mijn dochter ooit uitgezwaaid is naar de tweede klas. Dat zie ik te simpel. De waarheid, daar heeft men in Italië een rechtbank voor, die tussen alle maffiaveroordelingen graag een onschuldig schoolmeisje in de beklaagdenbank ziet. Dus verwijzen de dames van het vierkoppige theekransje mij naar Pisa, waar een rechter dat ene zinnetje zo vaak moet vertalen dat iedereen gelooft dat er staat wat er staat.

Pisa betekent een uur rijden. Het lijkt niets, dus we gaan ook niet. Want na een paar maanden snuffelen aan deze cultuur weten we beter dan de bewoners zelf hoe je altijd voor niets gaat. De eerste keer zal de rechtbank dicht zijn. Vervolgens zal men ons laten terugkeren met de spijtige vaststelling dat er geen Hollands sprekende jurist voorhanden is. En om ons bij het derde bezoek niet geheel te ontmoedigen zullen we een advies meekrijgen: de school in Nederland een pamflet in het Italiaans laten opstellen.
In gedachten heb ik de ritten naar Pisa gemaakt, vanuit mijn krakkemikkerige Toscaanse stoeltje en mij alle commotie voorgesteld. Bij een glaasje Chianti verman ik me en schrijf de directeur van de oer-Hollandse school twee brieven. Eén echte, waarin voorgelepeld hoe hij in het Italiaans een oorkonde dient op te stellen, liefst op vergeeld briefpapier van de school, voorzien van stempels en handtekeningen, desnoods van de werkster. Het andere kattebelletje zet uiteen hoe wij lijden en medelijden behoeven.

Twee maanden later komt het felbegeerde certificaat van de hoofdmeester, begeleid door een persoonlijke reactie waarin de gezagdrager laat doorklinken dat hij in jaren niet zo gelachen heeft. De pompeuze onzin waar wij om vroegen, krijgen wij er kleurrijk bijgevoegd. Handtekeningen van de tuinman, de gymleraar, stempels van de melkunie, kinderpostzegels, het schoolhoofd heeft zijn best gedaan, dat ziet een vreemde met eigen ogen.

Uur U

Met het waarheidsdocument brandend in mijn binnenzak stap ik op het uur U dat bekende secretariaat binnen, het dameskwartet als een draak tegenover me, bereid om vuur te spuwen indien ik mijn plicht niet vervuld heb. Met veel misbaar rapporteer ik mijn niet-gemaakte tochten naar Pisa. Ik belazer de saaie secretaresses met rechters, gesloten deuren, ambassades, verloren uren en puf na elke zin. Ze knikken in koor, de uitvoersters van de wetten die nog geschreven moeten worden en die zij daarom vast begonnen zijn voor te schrijven. ‘Ja, ja, zo gaat dat’ drukken hun blikken uit, vol mededogen over die arme Hollandse mevrouw die door een simpele frase van meester Achterbeek de halve wereldbol heeft afgereisd.

Na een betoog van drie kwartier waarin ik de portiers en bazen van justitie tot op de bovenlip beschrijf, overhandig ik ‘het stuk der stukken’. De stempels gaan van hand tot hand. Vooral als ik snikkend met een zakdoekje de prop in mijn keel bedek en meedeel dat de directeur van de school wel drie keer bij de Italiaanse ambassadeur in Den Haag op audiëntie is geweest om over deze zaak te spreken, groeit de goodwill. Ik lieg, maar ik barst niet; zij kunnen barsten.

In het bedompte kantoortje glimmen de dames van leedvermaak. Na alle plichtplegingen moet ik gedogen dat het hoofd der afdeling opstaat en mij zeer nadrukkelijk de hand reikt: ‘U heeft alles gedaan wat in uw vermogen ligt, toch moeten wij het lot van uw dochtertje bij deze in andere handen leggen. De directrice van de school zal uiteindelijk beslissen.’

De directrice? Die is voor mij niet meer dan een deus ex machina, een nauwelijks bestaande figuur, die mij telkens veelbetekenend begroet met de slogan: ‘Wie was u ook alweer?’ Zij vergeet tot op heden expres dat we Hollanders zijn. Of ze lijkt dat te vergeten, want bij Italianen weet geen mens of de uiterlijke vertoning spontaan gespeeld is dan wel op papier staat als een libretto dat alle kansen in zich draagt tot groots theater. Mits men weet welke rol voor hem of haar is weggelegd. Ik begin mijn rolletje van underdog redelijk honds uit te bouwen tot glansrol. Voor mezelf en mijn familie, want nood breekt wet en zeker de wet die ongeschreven is.
Wordt vervolgd…..
 
Eerder verschenen bij Damespraatjes
Deel 1
Deel 2
Deel 3
Deel 4
Deel 5
Deel 6

Renée de Haan woont samen met haar man Matthijs Pronker, zonen Marijn
en David en dochter Marije vanaf 1993 in Volterra. Zij is journalist en
publiceert regelmatig in diverse vakbladen. Zij is ook de schrijfster
van ‘To en Ko’.

In 2008 is haar boek ‘Ciao Buurman!’ uitgekomen, waarin ze vertelt over
haar belevenissen in dat eerste jaar in Italië. Bij ieder hoofdstuk
geeft een van de gezinsleden een kijkje vanuit nu naar wat er in dat
hoofdstuk gebeurt.

Belangstelling? Voor de lezers van Damespraatjes geldt een speciale
aanbieding. Via de website www.ciaobuurman.nl kunt u mbv het bestelformulier
het boek met cd bestellen voor slechts 10 euro. Doen!

Vakantiehuizen in Italië

wb_logo.jpg

Print


Reageer ook