Ka houdt gewoon haar paardenstaart

Toen ik de veertig passeerde raakte ik paniek. Een soort van. Want. Hoe gedraag je je als je veertig bent? Mijn oudste schaamt zich nu al kapot als ik meezing met de radio, als ik zeg wat ik denk. “Jij durft altijd alles te zeggen, mam,” constateerde hij laatst. Ik keek hem aan. Ja. Een blad voor mijn mond nemen is niet een van mijn talenten. “Ook als je het ergens niet mee eens bent,” ging hij verder. Probeerde hij mij nou iets duidelijk te maken?

Mijn jongste vindt mij gelukkig nog wel een held. Een prachtige held. “Ik vind je haar mooi, mammie. Zeker als je het in een paardenstaart hebt,” fleemt die kleine charmeur. Om dit fantastische compliment gelijk teniet te doen door te zeggen dat hij het wel raar vindt dat ik op Palladiums loop. Doet geen één moeder beweert hij.

Laatst kreeg ik een alarm-appje van Marlies, net als ik een veertiger. Ze had haar haar een stuk korter laten knippen. Want: gespleten haarpunten. “Mannen. Bevriende mannen, niet mijn eigen man (die durft niet: risico op verbanning uit bed?) die reageren als ik mijn haar afknip alsof ik een seksloos wezen ben geworden. Wat is er zo seksueel bedreigend aan je haar eraf halen?” brieste ze op de app. Ik moest lachen. Haar haar was namelijk afgeknipt tot haar schouders. Dus gewoon nog lang. Niks aan de hand.

Het appje van Marlies zette mij wel aan het denken. Ze heeft een punt. Haar van vrouwen die ouder worden, is een issue, zo lees ik op internet. Zo is het algemeen bekend dat vrouwen die van hun kerel scheiden hun haar henna-rood verven en zich een pittig, kort kapsel laten aanmeten. Why? Denk ik dan. Dan prijs je jezelf bij voorbaat toch al uit de markt? Geen man zit te wachten op een net gescheiden vrouw, met henna-rood haar dat quasi nonchalant is gestyled. zo leuk rommelig piekt op haar hoofd. Tenminste als ik man zou zijn, dan zouden werkelijk alle alarmbellen rinkelen als ik werd benaderd door zo’n vrouw.

Ja. Ik beken. Ook ik heb ooit kort haar gehad. Dat was van korte duur. Van: ‘Meneer, kan ik u helpen’ raakte ik in een verwarrende identiteitscrisis. Een aantal jaar later liet ik me door een kapper overhalen om mijn kapsel ‘op te frissen’. Hij wilde mij ‘eruit laten zien zoals ik me voelde’. Hij sleep zijn venijnige schaartje en knipte er lustig op los. Hij pakte een mes. Sneed mijn haar. Als verlamd zat ik in de kappersstoel. Toen hij klaar was, keek ik naar mezelf. Trots liet de kapper de achterkant zien. “Kind. Enig. Maakt je jaren jonger.” Ik keek goed. Ik leek op Astrid Joosten. Er is niets mis met Astrid Joosten. Alleen. Astrid en ik hebben een leeftijdsverschil. Van twintig jaar. Bovendien kon ik me niet voorstellen dat ik me voelde zoals Astrid en andersom.

Sinds die tijd trek ik me weinig van trends en kappers aan. Ik vind het gesneden. Ik heb lang haar. Ja. Dat verf ik want ik word grijs. Ik houd het lang omdat het veel voordelen heeft. Zo hangt het met sporten niet in mijn ogen omdat ik het vlecht of in een staart bij elkaar bind. Als ik mijn haar heb gewassen, kan ik het zo hoppekee aan de lucht laten drogen. Niks föhnen. Stylen. Gellen. Waxen.

Maar de allerbelangrijkste reden waarom ik lang haar houd, is omdat ik mijn kleinste op zijn allerliefst vind als hij zo aan het vleien is. Alleen daarom al blijf ik uit de buurt van knipgrage kappers. Dan maar van achteren lyceum en van voren museum.

Karin van Leeuwen (44 jaar) schrijft vanuit haar eigen bedrijf De Gooise Pen en is drukker dan ooit. Heeft twintig jaar voor kranten gewerkt en schrijft blogs voor Damespraatjes. Ze woont samen met Robert Brekelmans en hun twee boenders Bob en Tom in ’t Gooi. Naast schrijven is lezen een grote hobby. De andere passie is sporten; heel wat uurtjes brengt zij door in de sportschool om een spinning-, pump-, of bodybalanceles te volgen. Sinds kort is ze regelmatig op het voetbalveld te vinden om het team van haar oudste te coachen.

 


Reageer ook